HomeBoomagersQuinoa met een sausje van wanhoop (en een afzakkertje bij de drive-in)

Quinoa met een sausje van wanhoop (en een afzakkertje bij de drive-in)

Er was een tijd dat eten gewoon eten was. Je had aardappelen. Je had groenten. Je had vlees. Punt. Niemand die vroeg of die aardappel wel “authentiek Peruaans” was, of de asperge zich moreel goed voelde bij consumptie en toch geen pijn had bij het verorberd worden. Je at. Je leefde. Klaar.

Maar kijk ons nu eens, collega-boomagers. Wij hippe vogels met levenservaring, gezond wantrouwen én een abonnement op minstens één krant die plots elke week een nieuwe superfood ontdekt. Alsof we met dat te gekke zaadje uit een vergeten bergdorp in Bolivia onze levenskwaliteit fiks de hoogte zullen injagen.

Dus dacht ik: ik ga mee. Ik ben flexibel. Ik ben modern. Ik ben niet vastgeroest.
Ik ga koken met superfoods.

Dat begon onschuldig. Met quinoa.
Quinoa is geen graan, leerde ik via goede vriend AI die mij een heel exposé voorlas (ja, zo hip ben ik al). Het is een “pseudograan”. Wat dat ook moge betekenen. Pseudo klinkt alvast als: doet alsof, is nep. En daar hou ik van. Dat herken ik. Ik voel me soms ook nep.

In de winkel stond ik vijf minuten voor het quinoa-rek, wat dat hebben ze daar intussen. Witte quinoa. Rode quinoa. Zwarte quinoa. Biologisch. Extra biologisch. Ethisch verantwoorde quinoa. Quinoa met een verleden. Ik koos er één die “eerlijk” heette. Dat voelde veilig.

Thuis begon het koken. Of wat daar moest voor doorgaan.
Eerst spoelen, hoorde ik van mijn goede vriend die het allemaal erg simpel liet klinken. Spoelen tot het water helder is.
Het water werd nooit helder. Het werd existentieel troebel. Net als mijn zelfvertrouwen.

Dan koken. Tien minuten. Of vijftien. Of tot “de kiem zichtbaar wordt”.
Ik wist niet dat quinoa een kiem had. En al helemaal niet dat ik die moest herkennen. Ik keek in de pot alsof ik een echografie probeerde te lezen.
Is dit een kiem? Of gewoon een mislukking?

Ondertussen knalde ik er wat chiazaad bij. Want chiazaad is gezond. Dat weet toch iedereen? Hoe hebben we ooit zonder kunnen leven, stumperds dat we waren. Mis poes…
Chiazaad is wat er gebeurt als vogelvoer en behanglijm samen een kind krijgen. Je doet er water bij en het verandert in iets wat sterk lijkt op natte schuldgevoelens.

Ik proefde.
Het smaakte naar iets onbestemd ranzig dat ooit naast een amandel had gelegen.

Geen probleem, dacht ik. Dan doen we er avocado bij. Avocado is altijd een goed idee. Avocado is de diplomaat onder de voedingsmiddelen. Die past overal bij, behalve bij mijn verwachtingen.
De avocado was ofwel keihard, ofwel al overleden. Er zit niks tussen.

Ik ging verder.
Kurkuma. Want ontstekingsremmend.
Spirulina. Want… ja, waarom eigenlijk? Omdat het groen is en duur.
Goji-bessen. Want die schijnen iets te doen met antioxidanten, al weet niemand precies wat.

Mijn keuken begon te ruiken alsof een yogastudio in brand stond.

Ik probeerde, intussen al aardig wanhopig, een nieuw “recept”.
Niet zo’n ouderwets recept met ingrediënten en stappen. Nee. Een modern recept, ik had aan mijn vriend gevraagd eens wild te doen. Zijn antwoord deed me naar adem happen.
“Neem een handvol van wat goed voelt.”
“Luister naar je lichaam.”
Mijn lichaam zei: stop hiermee.

Het gerecht zag eruit als iets wat je normaal met handschoenen opruimt, wasknijper op de neus.

Maar nog wilde ik het niet geloven.
Ik nam een hap. Slikte door zonder te proeven.
Ik nam nog een hap, uit beleefdheid tegenover mezelf.
En toen wist ik: dit is geen maaltijd. Dit is een levensles.

Ik stond daar. Boomager. Met superfoods. Met goede bedoelingen. Met een pot vol hoop en ellende.
En plots voelde ik het. Dat diepe inzicht dat alleen komt na jaren levenservaring: Je mag ermee stoppen. Opgeven is geen schande, maar een blijk van inzicht.

Ik deed wat elke zelfrespecterende moderne oudere dan doet.
Ik trok mijn jas aan.
Ik stapte in de auto.
En ik reed naar McDonald’s.

En kocht er, uiteraard, hamburgers.

Niet zomaar hamburgers.
Nee.
Drie veggieburgers. Want balans is belangrijk. En gezondheid zit ook in intentie.

Aan de drive-in voelde ik me plots weer helemaal mee.
Digitale borden. Keuzestress. Jongeren achter de kassa die sneller denken dan ik kan spreken.
Ik bestelde alsof ik wist wat ik deed.

Thuis at ik mijn burgers. Met weinig smaak, tenzij je karton een smaak noemt. Maar met rust. Met zelfrelativering.
En weet je? Ik voelde me gezond. Mentaal alvast. En dat telt ook.

’s Nachts lagen de burgers wel op mijn maag, maar ik klaagde niet. Het was mijn verdiende loon.

Misschien zijn superfoods geen probleem.
Misschien is het idee dat we alles perfect moeten doen het probleem.
Misschien mogen we af en toe gewoon lachen met onze pogingen, onze mislukkingen, onze potten quinoa-wanhoop.

En misschien, heel misschien, is de grootste superkracht van een boomager dit:
weten wanneer je moet blijven proberen…
en wanneer je gewoon mag zeggen: Kom, we gaan eten.” Om het even wat dat ook mag zijn.

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang iedere woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

veilig beginnen met online winkelen. Tips & tricks

Online shoppen, start veilig en slim

Online winkelen is populairder dan ooit en biedt ons gemak en keuze uit talloze producten vanuit het comfort van ons eigen huis. Toch vraagt...

Drie levens, één thuis

spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...