HomeBoomagersDe grote Vijf

De grote Vijf

Sinds meer dan 65 jaar volg ik de wielersport, decennialang als gespecialiseerd journalist, later en sinds mijn pensioen als immer geïnteresseerde en nog steeds een beetje kenner van de zaak. Maar wat vorige zondag in de Ronde van Vlaanderen gebeurde, heb ik nog nooit meegemaakt.

In Oudenaarde werd, na 271 moeilijke kilometers, een uitslag opgetekend die elk nuchter denkend mens met amper wat kennis van zaken op papier had kunnen zetten.

Even toch nog de eerste vijf in de goede volgorde citeren: Pogacar, van der Poel, Evenepoel, van Aert, Pedersen. Zij kwamen daarbij ook nog een voor een over de meet, met telkens een niet al te grote marge tussen hen, wat de mensen exact zou leren hoe groot het verschil inzake capaciteit wel is.

Maar voor dat logisch en tegelijkertijd onwaarschijnlijk resultaat verder bekeken wordt, toch even dit. Ik kan niet anders doen dan wat zovele anderen tot nog toe en sinds zondag ook al gedaan hebben, dat wil zeggen de allergrootste lof aan het adres van de uitzonderlijk begaafde laureaat op scherm zetten. Wat Tadej Pogacar in het nog niet zo lange wielerseizoen 2026 realiseerde is zo goed als nooit gezien, waarbij meteen moet gemeld worden dat wat ik ‘zijn seizoen’ noem, voor hem niet meer dan drie (top)wedstrijden omvat: op 7 maart reed hij de Strade Bianche en won, op 21 maart deed hij hetzelfde in Milaan-Sanremo (na een behoorlijk zware val dan nog wel) en nu op 5 april triomfeerde hij in de bijzonder lastige Ronde van Vlaanderen. Tussendoor deed hij waarschijnlijk niks anders dan grondig werken aan het onderhouden van zijn indrukwekkende conditie, enkel en alleen met training en verzorging. Nooit of nooit meegemaakt.

In de voorbije topklassieker acteerde hij met de zelfzekerheid van de kampioen die vindt, of beter gezegd, die voelt dat hij niet kan geklopt worden. Mathieu van der Poel, die man die in zo’n topwedstrijden zeker en vast het niveau van de Sloveen haalt, voorspelde zelf de wedstrijd die hij dacht te zullen rijden: voldoende in topconditie om de sterkste man van het moment te volgen, maar ook met het risico door hem alsnog achtergelaten te worden. Wat gebeurde, dus werd de Nederlander tweede. Remco Evenepoel kwam pas op het laatste moment en voor zijn debuut in die klassieker bij de bende aansluiten en meende dat hij klaar was om de andere favorieten op de hielen te zitten. Mogelijk zonder al te nadrukkelijk te denken dat hij kon winnen, maar zeker met de bedoeling een ereplaats te veroveren. Hij stond mee op jet podium. Dat had Wout van Aert evenzeer gekund, vermits hij zelf stelde dat hij daar de conditie voor had om tenminste Tadej en Mathieu tot in de finale te volgen. Hij werd vierde. De Deen Mads Pedersen kende door allerlei tegenslagen niet de beste seizoensstart uit zijn leven, wist wel dat het op de weg naar Oudenaarde genoeg zou meezitten om aan een mooie prijs te geraken en werd vijfde.

In totaal voor alle vijf een prachtig resultaat, met een vraag erbij: waar werden in die lange klassieker echte duels uitgevochten? Duels dus waarin de toppers mekaar voor vele kilometers herhaaldelijk aanvallen en zich pas gewonnen geven als blijkt dat de rivaal finaal net iets te sterk is. Meer nog: waar bleken nog echte rivaliteiten onder de kampioenen te bestaan, rivaliteiten, zo fanatiek dat bepaalde toppers er hun eigen kansen op succes aan opofferden. Zoals bijvoorbeeld in de Ronde van 1976, waarin Roger De Vlaeminck en Freddy Maertens hun eigen kansen verbrodden, gewoon omdat de ene de andere geen welslagen gunde.

In het wielrennen van vandaag merkt men zoiets niet meer, gewoon omdat het nog amper bestaat. De kampioenen van nu gunnen mekaar zo niet alles, dan toch wat vanzelfsprekend mag genoemd worden, wat bewezen werd op die voor de wielersport grandioze 5de april in Oudenaarde, net na de finish van de Ronde. Eens gearriveerd viel dat geciteerde vijftal (of tenminste vier, vermits Pedersen niet al te veel in beeld kwam) mekaar zo goed als in de armen, met gebaren en mimiek, die leerden hoe hoog ze de rivalen uit de net afgelopen strijd waardeerden. Niet alleen zondag, maar in vele andere koersen van nu ziet men op het podium zelden of nooit nog renners met een nijdig of somber gezicht.  Als er toch al eens eentje zo bij staat, komt dat alleen maar omdat hij amper tevreden is over het eigen presteren en niet barst van woede om wat de ene of de andere rivaal hem aangedaan heeft. In het verleden zijn er zelfs geweest die, na het behalen van een ereplaats, zelfs niet op het podium verschenen.

De wielersport van vandaag is er een geworden van in ploeg voorbereide individuele prestaties, veel meer dan van fanatieke rivaliteiten. Dat dit niks afdoet aan de geweldige belangstelling die nog altijd voor ‘de koers’ bestaat, heeft men zondag nog gezien langs de wegen doorheen de Vlaamse Ardennen.

                                                               Robert Janssens

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang iedere woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

SCAMPI'S VINCENT

Scampi’s Vincent

Ingrediënten: een weinig Solo 1 ajuin (niet te groot, fijngesnipperd) 32 scampi’s (gepeld en ontdaan van het darmkanaal) ½ liter room Heinz ketchup peper zout een scheut Cognac verse peterselie, fijn gehakt 1 rijpe...

Blankenberge, Kerkstraat

Pubertijd

spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...