Voor veel boomagers is wielrennen geen sport, maar een passie. De Omloop Het Nieuwsblad luidt elk jaar meer in dan alleen de Vlaamse klassiekers: het is het officiële startschot van gesprekken aan de keukentafel, analyses aan het cafétoog en nostalgische verhalen over kasseien, kopmannen en koude vingers langs de weg. We kijken niet alleen naar wie wint, we kijken naar karakter, naar koersinzicht, naar dat ene moment waarop iemand durft aan te vallen met het risico om tegen een counter aan te lopen. Wielrennen herinnert ons eraan dat volhouden loont, dat tactiek even belangrijk is als kracht, en dat elke lente opnieuw begint — ook voor ons. Onze huisschrijver Robert Janssens kan al bijna niet meer wachten…
En daar gaan we dan, voor het wielerseizoen 2026, dat nu zaterdag ook op Belgische wegen start. Met de klassieke ‘Omloop Het Nieuwsblad’ die met de jaren geëvolueerd is naar het niveau van een heuse topkoers, zowel qua parcours als op het gebied van deelname. Alleen met de afstand wordt nog niet het niveau bereikt van bijvoorbeeld de Ronde van Vlaanderen of Parijs-Roubaix, wat ook betekent dat de hindernissen niet zo zwaar uitvallen. Maar dat is normaal en gewenst. Deze campagne is nog maar pas begonnen en de meeste renners zijn nog niet in de gewenste topconditie om de hellingen uit de ‘Vlaamse Ardennen’ en de kasseien uit de ‘Hel van het Noorden’ met de felste ambities en het hoogste tempo aan te pakken.
Maar toch zal er zaterdag keihard gestreden worden omdat de meeste renners er met brandende ambitie weer aan te beginnen. Mettertijd is hun wintervakantie alsmaar korter en korter geworden, nu er bijvoorbeeld in Australië al in belangrijke wedstrijden kan gestreden worden, maar toch zullen de kampioenen zowel als de mindere goden al vanaf Nieuwjaar almaar sterker aan het verlangen zijn om weer ook hier voor eer en prijzen te gaan fietsen. Vooral dan in voorname koersen, zoals ‘de Omloop’ er een geworden is.
Ook voor de wielerliefhebbers is het nu komend weekend, met ook Kuurne-Brussel-Kuurne op het programma, van het allergrootste belang. Oké, de mensen die van de koers houden of beter gezegd, erdoor gepassioneerd zijn, hebben al via verschillende tv-zenders een en ander kunnen bekijken en beleven. Maar voor de meeste onder hen telt het allemaal maar echt vanaf zaterdag, als er, naar hun oordeel, ‘echte wedstrijden’ worden gereden, zowel eendaags als in verschillende ritten. En krijgen ze nu, ter plaatse of via het scherm, antwoorden op de vele vragen die rond de toprenners mogen gesteld worden, na alles wat ze in het recente verleden gepresteerd- of meegemaakt hebben.
Wat gaan, bijvoorbeeld, in 2026, de supporters die ook kenners zijn leren hoe groot de heerschappij van Tadej Pogacar gebleven is. Of hij nog zal winnen waar hij meent dat te moeten doen en in die races niet op een paar seconden voorsprong of een aantal kilometer solorennen kijkt. Gaat hij weer domineren of gaat een kerel als Jonas Vingegaard hem toch nog eens baas kunnen, in rittenwedstrijden vooral dan.
En hoeveel stapjes hoger gaat ‘onze’ Remco Evenepoel nog geraken, nu hij na toch al vele jaren van ploeg is veranderd, ploeg waarin ze blijkbaar via nog meer doordachte methodes de kampioenen in topconditie aan de start brengen. Bij Remco gaf dat al enkele prima resultaten, maar ook minder prettige ervaringen, bijvoorbeeld de dag na de tijdrit die hij in de UAE Tour met brio won en ook tijdens de tweede bergrit daar.
Tenslotte vragen de vele supporters van de ultra populaire Wout van Aert zich af of hij dan toch eens gespaard zal blijven van de tegenslagen, die hem nu weer een gedeelte van zijn crossseizoen deden missen?
Voor de rest zullen de topcoureurs, die net onder dat viertal zitten, toch weer de nodige ijver gekweekt- en plannen bedacht hebben om heersers te tonen dat die niet onklopbaar zijn.
Wij, wielerliefhebbers in hart en ziel, gaan nu verder met veel kennis van zaken en met de scherpste ogen zoeken naar nieuwe kampioenen, die de kwaliteit van het koersen nog hoger zullen optrekken of tenminste op het niveau handhaven, waarop de laatste jaren met zoveel inzet en klasse gestreden is.
Robert Janssens
De nieuwe roman ´Twee jongens´ van Robert Janssens is pas verschenen bij Uitgeverij Partizaan. U leest er hier meer over. Zoals steeds in de covertekening van de hand van Zoë Baert, die hem ‘opi’ mag noemen…















