Schoonheid

Op mijn scherm staat al een zekere tijd een foto, genomen door mijn gewezen huisdokter tijdens de zesdaagse van Gent van dit jaar. Het is een mooi beeld met onderaan op de wielerbaan de winnaars en wereldkampioenen Fabio Van den Bossche en Lindsay De Vylder, die, enkele meters van mekaar gescheiden, waarschijnlijk naar de start van een van de zovele nummers rijden. En de rest van het beeld levert het bewijs van het grote succes, waarmee de organisatoren alweer konden pronken. Met een vol middenplein en geen stoeltje vrij op het stuk tribune dat zichtbaar is.

Jaren geleden, toen hij nog actief was als arts, stelde hij eens dat hij in Gent ongeveer alles had meegemaakt wat er mee te maken valt, maar nooit (en dan als toeschouwer natuurlijk) in de zesdaagse geraakte. Ik had me toen in die vele jaren zo stevig in dat wereldje ingewerkt, dat het mij niet de minste moeite kostte voor twee uitnodigingen te zorgen, hoewel al sinds lang gesteld was dat heel het gebeuren uitverkocht was.

De komst van de dokter, over het algemeen vergezeld van zijn koersgepassioneerde schoonzoon, was telkens weer een opwekkende gebeurtenis voor mij en voor hen. En dit jaar weer stelde ik vast dat dit nog maar eens terecht was.

Ik trok als journalist en dus voor verslaggeving al van in het begin van de jaren zestig naar de zesdaagsen, naar de drie die in een seizoen in ons land gereden werden, in Gent, Brussel en Antwerpen, wedstrijden die toen in die volgorde op de winterkalender stonden, van november over december naar februari in het volgende jaar. Af en toe trok ik ook al eens de grens over, naar buitenlandse wedstrijden van dat genre, die vooral in Duitsland gereden werden. Mijn professionele activiteit ter zake verminderde dan met de jaren, niet om persoonlijke redenen, wel omdat de meeste van die destijds succesvolle competities wegens gebrek aan belangstelling van de kalender verdwenen. Nu blijven er nog twee of drie over, waarvan Gent de enige aflevert die nog een heus en dus massaal succes kent.

Ik heb altijd graag op dat terrein gewerkt, hoewel het niet gemakkelijk was stukken te schrijven over een competitie die bezig bleef terwijl ze de krant al aan het drukken waren. Beoordeelde je bijvoorbeeld in een van je artikels een of andere kampioen, dan was het best mogelijk dat die, terwijl je bijdrage gedrukt werd, ten val kwam en moest opgeven. Of een zo diepe inzinking kreeg, dat hij helemaal niet meer bij de favorieten mocht gerekend worden.

Het was dus elke avond wikken en wegen wat je op papier zou zetten en ik moet dat zo degelijk gedaan hebben dat de directie van de nu nog altijd overlevende competitie, die van Gent dus, mij bij mijn op pensioenstelling beloofde dat ik er elk jaar weer welkom was, zelfs zes dagen aan een stuk, als mij dat zou zinnen. Het comfortabele is nu nog altijd dat ik er, van bij mij thuis, te voet naartoe kan en er niks anders moet doen dan kijken en in de vipruimte, waar ik ook binnen mag, een praatje maken met bekenden uit het verleden, vaak ex-renners over wie ik destijds heel wat geschreven heb.

Ik moet nu wel eerlijk bekennen dat het me, met de vorderende jaren, altijd wel lastiger wordt dat heen en weer al stappen af te werken en ter plaatse dan ook wat rond te lopen. Ik meende dit jaar, waarin ik toch vier van de zes avonden present meldde, dat ik stilaan aan het einde van dat avontuur aan het geraken was. Tot ik, op een bepaald moment en bij het bekijken van de koppelrit, toch nog eens tot een bijzondere vaststelling kwam. Mensenlief, wat een echte schoonheid straalt die competitie uit, met kleurrijk uitgedoste atleten die bijna allen stijlrijk op de oh zo mooie fietsen zitten om, zonder met het lichaam te bewegen, elegant en met de hoogste snelheid door de bochten te vliegen, in bepaalde nummers met 70 kilometer per uur.

Schoonheid, schreef ik, wel wetend dat ‘schoon’ taalkundig eigenlijk niet ‘mooi’, betekent, maar eerder ‘netjes’ tot ‘proper’. Maar dat is het dan ook, in een generatie wielrenners die nu nog altijd de meest indrukwekkende resultaten behaalt met een zuiver lichaam, wat wil zeggen een waarin die vuile boel van opwekkende middelen hun mogelijkheden niet meer kunstmatig opdrijft.

Wat allemaal redenen vormen om de foto van de gewezen huisdokter nog even op mijn scherm te houden.

Robert Janssens

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang iedere woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

Vitamine D: redder van de mensheid of gewoon een lepe marketingtruc?

Er is een moment in het jaar – meestal ergens tussen de eerste grijze maandag en de derde natte herfstsokken – waarop je het...
spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...