HomeBoomagersZoals toen

Zoals toen

Toen ik een kwarteeuw geleden in Gent aanlandde na lang in mijn geboortestad Antwerpen gewoond te hebben en later dichter bij ‘het werk’ aansloot door in Vlaams-Brabant een appartement te huren, viel de wijk waarin Liliane, mijn toekomstige eega, mij verwelkomde wel in mijn smaak. Ik huisde meteen en nu nog op een soort eilandje tussen twee armen van de Schelde, met gewone en niet al te hoge huizen, bewoond door even gewone mensen, die mekaar al sinds vele jaren kenden. Van bij de bakker en tot korte tijd voordien ook nog bij de kruidenier. Voor de beenhouwer was het een eindje verder lopen, zoals voor die enkele cafeetjes, waar toch nog wat volk op afkwam.Ik werd direct en vriendelijk begroet door de buren, die mij snel al eens aanspraken, om, nieuwsgierig als ze waren, te vernemen wat ik onder hen kwam doen en waarom. In tegenstelling tot wat in het verdere verleden gebeurde, werd er niet veel, of eigenlijk zo goed als niks meer georganiseerd om echt eens een tijdje samen te zijn, maar kom, de contacten bleven hartelijk, meer dan eens stak een buurman of buurvrouw de straat over om praatje te maken met de dame uit nummer 18 of de vent uit nummer 32. Of beter nog, met het koppel dat de woning-nummer-8 bezette.

Het betekende allemaal niet zo heel veel, maar het voelde wel prettig aan, omdat een mens er nog altijd nood aan heeft te ervaren dat hij niet alleen op de wereld is.

Maar dat is nu meer dan stilaan ook uit onze wijk aan het verdwijnen. De meeste trouwe bewoners zijn er intussen natuurlijk niet jonger op geworden, sommige zelfs zo oud dat ze niet langer opgewassen zijn tegen het gewone dagelijks leven en rust zoeken in wat dus terecht… een rusthuis wordt genoemd, ver verwijderd van de plek waar ze het grootste gedeelte van hun leven gesleten hebben. Pijnlijker nog is dat de ene of de andere buurman of -vrouw gewoon ‘pijp aan Maarten geeft’, zoals nogal cru gesteld wordt. Ook zij worden dan in een korte tijd vervangen door jongere mensen, op wie over het algemeen weinig te zeggen valt, die vriendelijk groeten maar niet anders kunnen dan dit als het enige burencontact beschouwen. Man en vrouw gaan allebei werken, vertrekken vroeg in de ochtend en ’s avonds, bij hun terugkeer, niet al te veel tijd meer over hebben om de ene of de andere gebuur toch maar eens aan te spreken. Het is haasten om tijdig klaar te zijn met het avondmaal en daarna toch enige rust te vinden bij het kijken naar wat finaal de grote verstoorder van het sociale leven geworden is: de televisie.

Soms vraag ik mij wel eens af of het vroeger niet gezelliger leven was. Toen bijvoorbeeld de mannen even laat thuiskwamen als nu, vermoeid van het zware werk, maar door de vrouw ontvangen werden op een stevige maaltijd, die hen op zijn minst nog wat kracht gaf om zich buiten aan de deur te zetten, op een doodgewone stoel, een paar zelfgerolde sigaretten en een flesje bier bij de hand. Zij deden dan niet meer dan gewoon rondkijken, af en toe de ene of de andere passant groeten en zelfs een praatje te doen, over het weer of over de plaatselijke voetbalclub. Zij hadden daar genoeg aan om zich echt als lid van de maatschappij en niet als eenzaat te beschouwen. Hetzelfde gold voor de (huis)vrouwen, die genoeg gelegenheid kregen om een babbel te doen (en te klagen over ‘hun venten’), gewoon op straat, maar ook bij de bakker of de beenhouwer.

Heel even heb ik, heel onlangs, nog gedacht dat die eenvoudige maar wel gezellige tijden konden terugkomen. Bij het eerste echte zonnedagje van het jaar merkte ik dat studenten van vandaag ook al eens ‘op straat gingen leven’, zoals hun grootouders dat voorheen gedaan hadden. In de buurt werden in enkele grotere huizen de klassieke eet-en slaapkamers vervangen door studentenkoten en wat deden die jongeren die daar hokten, toen het daarvoor warm genoeg was? Een tafeltje en stoelen buiten te zetten en daar, gezellig onder mekaar (en goedkoper dan in de kroeg) hun pintje(s) te drinken.

–  Wie weet, dacht ik, gaan die dat heel in de rest van hun leven volhouden en van de straat terug een eenvoudige maar gezellige ontmoetingsplaats te maken.

Maar neen. Zij zullen daar later wel met genoegen aan terugdenken en doen wat nu eenmaal niet anders kan. Dat wil zeggen: vroeg in de ochtend gaan werken, laat in de avond thuiskomen en rap-rap eten om tijdig voor het scherm te zitten en alsnog het journaal te bekijken.

                                                       Robert Janssens      

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang iedere woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

Ovengegrilde gamba’s met kruidenboter, Ricard en look

Dit gerecht combineert sappige, gegrilde gamba's met een smaakvolle kruidenboter die een subtiele anijstoets krijgt van Ricard en een pittige kick van look. De...
spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...