De Mensenjagers

Dat de dierenwereld ons fascineert, hoeft geen beklijf. Al sinds het bestaan van de mensheid leven we samen met dieren en hebben we er interesse voor. Sommigen van hen dienden als prooi, anderen waren levensgevaarlijk. Ook vandaag worden dieren onderverdeeld, maar dan als zijnde (kritiek) bedreigd of niet. En die dreiging komt dan vooral van ons. Wij eisen steeds meer plaats op in de wereld waardoor we alles rondom ons vernietigen en/of onderwerpen. Wij zijn de dominante soort op aarde en de rest moet wijken of zich aanpassen. En sommige dieren worden bejaagd omdat ze er simpelweg mooi uitzien, één of ander verzonnen nut hebben of gewoon als jachttrofee dienen.

Maar in de loop der geschiedenis beten sommige dieren van zich af. Zij draaiden de rollen om en zagen ons als prooi. Deze mensenjagers werden legendes en tot op vandaag zijn zij het onderwerp van verhalen en zelfs van films. Laat ons er hier sommigen van bespreken.

De Tsavo leeuwen

    In 1898 begonnen de Britten een spoorbrug te bouwen in Kenia over de Tsavo rivier. De bedoeling was om een spoorlijn op poten te zetten die Oeganda met de Indische Oceaan verbond. Daarvoor werd een beroep gedaan op heel wat spoorwegarbeiders. Luitenant-kolonel John Henry Patterson nam de leiding op zich. Hij kon toen nog niet vermoeden wat er hem en zijn manschappen enkele dagen later te wachten stond: een terreur die maandenlang zou duren en hem verschillende mannen zou gaan kosten.

    Op een dag slopen twee mannelijke leeuwen rond het kamp rond en ’s nachts sleurden ze arbeiders uit hun tent om ze te verslinden. Na een tijdje stopten deze slachtpartijen, maar in nabijgelegen dorpen gebeurden gelijkaardige aanvallen wat doet vermoeden dat het om dezelfde leeuwen ging. Na een tijdje kwamen de leeuwen terug naar het spoorkamp en vonden er dagelijks aanvallen plaats. Arbeiders probeerden zich te beschermen door hekken van doornstruiken te bouwen rondom het kamp, maar tevergeefs. De leeuwen sprongen over de hekken of kropen er gewoon door om tot bij hun prooien te geraken. In het begin viel er slechts één leeuw aan terwijl de ander op wacht bleef, maar Patterson merkte dat naarmate de tijd vorderde de mannetjes met twee aanvielen om elk een slachtoffer te grijpen.

    Jacht

    Om de aanvallen te stoppen zag Patterson maar één oplossing: een georganiseerde jacht om de twee leeuwen definitief uit te schakelen. Hij riep daarvoor de hulp in van de Britse regering. Die zond een aantal ambtenaren met een twintigtal Indiase infanteristen in hun zog. Met hun hulp zette Patterson een aantal vallen uit en na herhaaldelijk mislukte pogingen schoot hij op 9 december de eerste leeuw dood. Twintig dagen later volgde de tweede leeuw. Uit verslagen bleek dat de eerste leeuw zo’n 2,95 m lang was. Om zijn karkas terug naar het kamp te brengen was er maar liefst acht man nodig.

    Dit was geen alleenstaand geval. In Afrika zijn er nog wel verhalen over menseneters. Zo maakte bijna een eeuw na de gebeurtenissen in Tsavo een andere leeuw enkele dorpjes in Zambia onveilig. Van augustus tot en met september 1991 zwierf een leeuw rond die in totaal zes slachtoffers zou maken op twee maanden tijd. Nadat de leeuw zijn laatste slachtoffer, een vrouw, in haar hut had gedood keerde hij er de volgende dag terug om met een tas van de vrouw in het midden van het dorpsplein rond te sleuren. Dit deed bij de overige dorpelingen het vermoeden rijzen dat het dier behekst was waarna ze hem wegjoegen.

    Uiteindelijk werd het roofdier gedood door twee professionele grootwildjagers. Nadien wees uit dat een ernstige kaakbreuk de leeuw ertoe had gedwongen af te zien van zijn normale dieet van zebra’s en buffels en om genoodzaakt over te schakelen op veel zachter mensenvlees. De Leeuw van Mfuwe zoals hij werd genoemd, werd naderhand geschonken aan het Field Museum te Chicago waar hij kan bewonderd worden naast de Tsavo Leeuwen. Nog één opvallend detail: geen van de drie leeuwen had manen, iets wat blijkbaar vaker voorkomt bij mensenjagende leeuwen.

    Terreur in Noord-Amerika

    In de zomer van 1916 joeg een andere menseneter badgasten in New Jersey de stuipen op het lijf. Tussen 1 en 12 juli werden daar maar liefst vier mensen gedood en één zwaargewond. De dader was een grote haai.

    De eerste aanval vond plaats op 1 juli. Het slachtoffer was een 23-jarige man die met zijn hond door de zee aan het waden was. Plotseling hoorden omstaanders de man roepen, maar ze dachten dat hij op zijn hond riep. Een aandachtige redder en een andere badgast hadden echter door wat er echt aan het gebeuren was: een haaienaanval. Beiden sprongen in het water en trokken het slachtoffer naar de kust. Later beweerden de twee mannen dat de haai hen een tijdlang volgde. Eenmaal op het strand bleek hoe ernstig de situatie was. De haai had het linkerbeen van zijn slachtoffer er zowat volledig afgebeten. In allerijl werd de man nog naar het hotel gebracht waar hij verbleef om daar de eerste medische hulp te krijgen, maar uiteindelijk gaf hij de geest.

    Vijf dagen later, op 6 juli, volgde de tweede aanval. Deze keer op een zwemmer die in zijn buik werd gebeten waarna zijn benen door de haai eraf werden gescheurd. Redders roeiden met een boot naar hem toe en trokken hem uit het water, maar hij bezweek aan zijn verwondingen onderweg naar het strand. Daar zouden vrouwen flauw zijn gevallen toen ze de man zagen. Nadien zou het personeel van het hotel waar de man verbleef en naburige hotels geld hebben ingezameld voor zijn moeder in Zwitserland, want het slachtoffer was een toerist van daar afkomstig.

    De volgende drie aanvallen vonden allen plaats op 12 juli. Eerst op een elfjarige jongen die in eerste instantie dacht dat een oude plank op hem afdreef tot hij de rugvin zag. Toen was het echter al te laat, want de haai haalde de jongen in en trok hem onder water. Zijn vrienden renden de stad in en haalden hulp. Verschillende mannen, waaronder een lokale zakenman, renden op de plek af en doken in het water. De zakenman werd echter ook gebeten door de haai voor de ogen van heel wat inwoners. Die trokken hem terug aan land, maar de man bleek een hele hap uit zijn rechterdij te hebben en hij sneuvelde in het ziekenhuis. Het laatste slachtoffer was een jongen van 14 die een halfuur na de eerdere aanvallen werd gebeten door de haai. Die beet het linkerbeen van de jongen af, maar deze keer haalde het slachtoffer het wel. Voor de inwoners van New Jersey was het nu wel genoeg.   

    Vangst

    Op 14 juli, twee dagen na de laatste aanval, ving een taxidermist tijdens het vissen een grote haai. Het dier werd slechts enkele mijlen van de laatste aanvalsplaats gevangen. Deze haai bleek een grote witte haai van zo’n 2,3 meter lang en 147 kg zwaar. Toen de man de haai opende, bleken er vreemd vleesachtig materiaal en botten in te zitten die naderhand werden geïdentificeerd als menselijk. Het verhaal ging dan al snel de ronde dat de menseneter van Jersey gevangen was. Feit is dat er na deze vangst geen aanvallen meer plaatsvonden, maar wetenschappers blijven tot op vandaag twijfelen of dit nu de ware dader is geweest. Dit verhaal inspireerde Peter Benchley in 1974 voor zijn boek Jaws. Een jaar later volgde de hierop gebaseerde kaskraker van Steven Spielberg. Haaien zijn echter niet de enige gevaarlijke dieren in Noord-Amerika en dat zal een groep jagers geweten hebben…

    Wraak

    In de bossen rond Calgary in Canada ging op een dag een groepje bevriende jagers op pad om een beer te schieten. Op een gegeven moment kregen ze een grote mannetjesgrizzly in het vizier. De mannen aarzelen niet en nemen de beer onder vuur. Die wordt geraakt, maar wist te ontsnappen tot grote frustratie van de jagers.

    Enkele dagen later gaat één van de jagers terug naar de plek waar de beer werd geraakt. Dat had hij beter niet gedaan, want de beer sloop nog rond in de omgeving en was wraakzuchtig. Toen hij de jager in het vizier kreeg, viel de beer zonder genade aan. Hij verscheurde de jager, maar daarmee was zijn wraaklust nog niet gestild. Want een dag later overkwam een ander lid van de groep jagers bijna hetzelfde toen hij eveneens een kijkje ging nemen naar de plek waar hij en zijn maten de beer hadden geraakt. Deze man kon het wel nog navertellen voordat ook hij aan zijn verwondingen bezweek. Van de beer was nadien geen spoor meer te bekennen.

    Gustave: de schrik van de rivier

    Mensenjagers vind je niet alleen op het land. Ook op het water ben je niet veilig voor hen. Dat beseft men in Burundi maar al te goed. Daar weten inwoners dat ze beter weg blijven van de Rusizi rivier en de noordelijke oever van het Tanganyika-meer, want daar woont een legendarisch wezen dat niet liever doet dan mensen pakken. Zijn naam is Gustave en volgens velen is hij de grootste nijlkrokodil uit de omgeving.  

    Naar verluidt zou deze krokodil ruim zes meter lang zijn en 907 kg wegen. Rond het jaar 2000 zagen getuigen dat hij drie littekens had van kogelwonden en dat hij ook gewond was aan zijn rechterkant, meer bepaald aan de schouder. Zijn opmerkelijke grootte, een nijlkrokodil wordt gemiddeld tussen de drie en vijf meter lang en weegt maximaal zo’n 750 kg, zorgt er volgens kenners voor dat Gustave niet op de gebruikelijke prooien als vissen, antilopen en zebra’s kan jagen. In plaats daarvan zou hij buffels en zelfs nijlpaarden viseren. En is hij er dus ook niet vies van om op mensen te jagen.

    Het verhaal wil dat Gustave zo’n 200 tot 300 mensen heeft gedood, al houden wetenschappers het hierop maximaal 60 menselijke slachtoffers. In 2004 trachtte een bioloog in samenwerking met een paar zeer ervaren vallenzetters om Gustave te vangen. Daarvoor werd een kooi van negen meter lang gebouwd. De hele onderneming werd door National Geographic gefilmd, maar de groep slaagde er niet in het dier te vangen. Sindsdien wordt Gustave nog maar zelden door mensen gezien.

    Champawat Tijger 

    Welk dier is nu eigenlijk verantwoordelijk voor de meeste menselijke slachtoffers tijdens zijn leven? Wel, die ‘eer’ valt officieel te beurt aan een Bengaalse tijger die tussen 1895 en 1907 Nepal en het noorden van India onveilig maakte en bekend staat als de Champawat Tijger.

    Waar bij andere mensenjagers het totaal aantal menselijke slachtoffers ter discussie staat, is het bij deze tijger wel zeker dat die ruim 400 slachtoffers heeft gemaakt. De meest recente schatting is zelfs 436. Daarmee staat dit dier genoteerd in het Guinness Book of Records.

    De eerste aanvallen vonden plaats in Nepal waar de vrouwtjestijger een dorp langs de westelijke Himalaya tot doelwit nam. Ze vervolgde haar weg doorheen de ganse regio waarna enkele jagers eropuit werden gestuurd om haar te doden. Die faalden en toen het dodental bleef oplopen, werd beslist om het Nepalese leger in te schakelen. Maar ook die slaagden er niet in de tijgerin te vangen.

    Wat wel was gelukt, was de tijgerin over de grens met India krijgen. Daar ging ze echter verder met haar raid en terroriseerde ze het noorden van het land. Hierbij legde ze soms wel 32 km per dag af, wat ongewoon veel is voor Bengaalse tijgers. Zo bleef ze echter uit handen van de jagers. Wat ook opviel, was dat het roofdier haar slachtoffers overdag maakte. Op den duur waren de mensen zo bang dat ze hun hut niet uit wilden komen. Ook het bos werd niet meer betreden, zeker niet wanneer het gebrul van de tijgerin weerklonk.  

    Gerenommeerd jager

    Verschillende pogingen om de tijger te vangen of doden mislukten en dus besloot de Britse regering om het over een andere boeg te gooien. Ze contacteerden een gerenommeerd jager genaamd Jim Corbett om de jacht op de menseneter in goede banen te leiden. Die wilde dat ieder ander jager uit de streek wegging om hem niet te hinderen of om niet toevallig op hem te schieten. Daarnaast weigerde Corbett de uitgeschreven beloning omdat hij niet voor het geld maar voor de eer op de tijger wilde jagen.

    Corbett startte zijn zoektocht in een dorp nabij de stad Champawat die zijn naam zou geven aan het legendarische roofdier. Daar had de tijgerin laatst nog een slachtoffer gemaakt en de jungle in gesleurd. Corbett volgde dit spoor tot diep in het woud waar hij bijna in een hinderlaag van het dier liep dat hem onverhoeds aanviel. Met twee geweerschoten wist hij haar weg te jagen waarna hij besloot om dorpelingen in te zetten. Met 298 van hen zette hij de volgende dag een klopjacht in en rond het middaguur slaagde hij in zijn opzet. Later onderzoek wees uit dat de tijgerin twee gebroken hoektanden had die haar niet meer in staat stelden om op gewone prooien te jagen. Vandaar haar overschakeling op mensen. Voor Jim Corbett was dit het begin van een nieuw hoofdstuk in zijn leven, want vanaf dan stond hij bekend als de beste man om op menseneters te jagen. Zo zou hij later nog ingezet worden om andere tijgers en luipaarden die op mensenvlees waren overgeschakeld op te jagen. Later zou Corbett in een boek schrijven dat zijn moeilijkste jacht die op een luipaard was dat verantwoordelijk was voor minstens 400 slachtoffers. Een luipaard is immers leniger dan een tijger en is beter in het zoeken naar dekking.  

    - ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

    Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang iedere woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

    Leestips

    Sepsis, de onbekende sluipmoordenaar

    waarbij een klein systeemfout uitgroeit tot een menselijk drama Bij wijze van proef, vroeg ik aan mensen uit mijn omgeving of ze het woord sepsis...
    FOIE GRAS CAPPUCINOSOEP

    Foie Gras cappuccinosoep

    Echt weer weg

    spot_img
    Rechtvaardige-Rechters retabel

    11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

    In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...