HomeACTUEELWat als Vlaams Belang de absolute meerderheid haalt? Wat verandert er dan...

Wat als Vlaams Belang de absolute meerderheid haalt? Wat verandert er dan werkelijk voor Vlaanderen en België?

Wat zou er gebeuren als Vlaams Belang bij de volgende verkiezingen de absolute meerderheid van de Vlaamse kiezers achter zich krijgt? Niet alleen bij de Vlaamse verkiezingen, maar ook bij de federale stembusgang? Zou de partij dan eindelijk haar volledige programma kunnen uitvoeren, of zou ze ondanks die verkiezingsoverwinning toch op onoverkomelijke hindernissen botsen? En vooral: wat zou dat allemaal kosten of opleveren voor de gewone burger?

Het zijn vragen die de redactie voorlegt aan Aurélie, onze virtuele AI-redactrice van Boomager. We vragen haar om een nuchtere analyse te maken, zonder politieke voorkeur, zonder doemscenario’s, maar ook zonder de financiële en juridische moeilijkheden uit de weg te gaan. Wat staat er werkelijk in het programma van Vlaams Belang, wat kan de partij zelfstandig realiseren en wat gebeurt er wanneer Vlaanderen en de federale overheid politiek tegenover elkaar komen te staan?

We geven het woord aan Aurélie.


Een historische verkiezingsoverwinning. En dan?

Laten we ons voorstellen dat Vlaams Belang bij de volgende verkiezingen een absolute meerderheid behaalt. De partij verovert meer dan de helft van de zetels in het Vlaams Parlement en ook meer dan de helft van de zetels die bij de federale verkiezingen in Vlaanderen worden verdeeld.

Het is een hypothetisch scenario. We gaan niet proberen te voorspellen of het ooit werkelijkheid wordt. We onderzoeken alleen wat de gevolgen zouden zijn als het gebeurt.

Voor onze analyse nemen we het verkiezingsprogramma van Vlaams Belang uit 2024 als uitgangspunt. Dat programma draait rond drie grote ambities: meer Vlaamse zelfstandigheid, minder immigratie en meer koopkracht. Daarnaast bevat het voorstellen over onderwijs, sociale zekerheid, pensioenen, huisvesting, veiligheid, cultuur en energie.

Een absolute meerderheid zou Vlaams Belang in Vlaanderen een uitzonderlijk sterke positie geven. Geen onderhandelingen met N-VA, CD&V of andere mogelijke coalitiepartners. Geen compromissen om een Vlaamse regering te vormen. De partij zou zelfstandig ministers kunnen benoemen, decreten laten goedkeuren en haar beleidsprioriteiten bepalen.

Maar er bestaat een groot verschil tussen politieke macht en juridische bevoegdheid. België blijft immers een federale staat. Vlaanderen beslist zelf over belangrijke domeinen zoals onderwijs, wonen, cultuur, ruimtelijke ordening, landbouw en verschillende onderdelen van het welzijnsbeleid. Pensioenen, sociale zekerheid, justitie, defensie, nationaliteit en de belangrijkste aspecten van asiel en migratie blijven grotendeels federale bevoegdheden.

En precies daar begint de moeilijkheid.

Migratie: strengere regels, maar geen gesloten grenzen

Migratie is een van de centrale thema’s van Vlaams Belang. De partij wil de immigratie sterk beperken, asielzoekers zoveel mogelijk buiten Europa opvangen, mensen zonder verblijfsrecht sneller laten terugkeren en de voorwaarden voor gezinshereniging aanscherpen.

Een Vlaamse regering onder leiding van Vlaams Belang kan het integratiebeleid aanzienlijk veranderen. Ze kan strengere inburgeringsvoorwaarden invoeren, de financiering van integratieorganisaties wijzigen en bijkomende verplichtingen opleggen voor het leren van Nederlands. Ze kan ook de voorwaarden voor sociale huisvesting aanpassen, zolang die verenigbaar blijven met de geldende rechtsregels.

Maar Vlaanderen kan niet zelfstandig beslissen wie België binnenkomt, wie asiel krijgt of wie wordt uitgewezen. Daarvoor zijn federale beslissingen nodig, die bovendien moeten voldoen aan Europese regelgeving en internationale verdragen. Wat zou een strenger migratiebeleid financieel opleveren? Bij de doorrekening van de verkiezingsprogramma’s in 2024 berekende het Federaal Planbureau dat een door Vlaams Belang ingediende vermindering van het aantal asielzoekers ruim 700 miljoen euro aan besparingen zou kunnen opleveren.

Dat is een aanzienlijk bedrag, maar het vertegenwoordigt niet de volledige financiële impact van alle migratievoorstellen. Bovendien gaat het om een specifieke doorgerekende maatregel, niet om een gegarandeerde jaarlijkse besparing voor Vlaanderen.

Er zijn ook mogelijke economische gevolgen. Buitenlandse arbeidskrachten zijn actief in onder meer de zorg, de bouw, de logistiek en de dienstverlening. Wanneer arbeidsmigratie sterk wordt beperkt, kunnen personeelstekorten toenemen. Daartegenover staat dat een hogere arbeidsdeelname van mensen die al in België verblijven extra belastinginkomsten kan opleveren.

Minder migratie betekent dus niet automatisch een evenredige daling van de overheidsuitgaven. Het financiële resultaat hangt af van de samenstelling van de migratie, de arbeidsdeelname en de concrete beleidsmaatregelen.

Sociale woningen: andere voorrang, hetzelfde tekort?

Vlaams Belang wil sociale woningen in de eerste plaats toewijzen aan mensen met een langdurige band met Vlaanderen. De partij verdedigt daarbij het principe van voorrang voor de eigen bevolking.

Hier heeft de Vlaamse regering veel meer mogelijkheden om zelfstandig op te treden. Ze kan de toewijzingsvoorwaarden wijzigen, de wachtlijsten anders organiseren en bijkomende voorwaarden vastleggen, zolang die juridisch standhouden. Maar het financiële en maatschappelijke probleem blijft bestaan: andere toewijzingsregels creëren geen bijkomende woningen.

Wanneer tienduizenden gezinnen op een sociale woning wachten, zal een andere verdeling van het beschikbare aanbod de ene groep helpen en een andere groep langer laten wachten. Wil de regering het aanbod werkelijk vergroten, dan moet ze investeren. Een eenvoudig rekenvoorbeeld: wanneer een bijkomende sociale woning gemiddeld 250.000 euro aan totale investeringen vergt, kost een programma van 10.000 woningen ongeveer 2,5 miljard euro. De werkelijke kosten hangen af van de locatie, de grondprijs, het type woning en de financieringswijze.

Het is een illustratie, geen officieel doorgerekend Vlaams Belang-voorstel. De politieke keuze voor andere voorrangsregels kan dus relatief snel worden uitgevoerd. Het structureel oplossen van de woningnood vergt veel meer tijd en geld.

Onderwijs: een andere koers is mogelijk

Op onderwijsgebied zou Vlaams Belang veel van zijn programmapunten zelfstandig kunnen realiseren. De partij wil sterker inzetten op het Nederlands, kennisoverdracht, discipline, gezag en onderwijskwaliteit. Ook de manier waarop scholen omgaan met maatschappelijke en levensbeschouwelijke thema’s zou kunnen veranderen.

Een Vlaamse regering kan onderwijsdoelen aanpassen, financieringsvoorwaarden wijzigen en nieuwe beleidsaccenten vastleggen. De grondwettelijke onderwijsvrijheid blijft daarbij wel een belangrijke grens.

Financieel hoeven inhoudelijke hervormingen niet altijd bijzonder duur te zijn. Nieuwe leerplannen of gewijzigde onderwijsdoelen kunnen binnen bestaande middelen worden voorbereid. Maar bijkomende taallessen, kleinere klassen, extra begeleiding en meer leerkrachten kosten wel geld, vaak jaar na jaar.

Daar kunnen op langere termijn economische voordelen tegenover staan wanneer de onderwijskwaliteit daadwerkelijk verbetert. Beter opgeleide jongeren vinden doorgaans gemakkelijker werk en kunnen meer bijdragen aan de economie. Alleen valt vandaag niet te becijferen hoeveel een specifieke hervorming van Vlaams Belang precies zou opleveren.

Zorg, ouderen en gezinnen: beloften met een prijskaartje

Vlaams Belang wil meer aandacht voor ouderen, gezinnen en mensen die zorg nodig hebben. De partij pleit onder meer voor betere ondersteuning en het terugdringen van wachtlijsten.

Een Vlaamse regering kan extra middelen vrijmaken voor ouderenzorg, kinderopvang, personen met een handicap en de Vlaamse sociale bescherming. Maar de bedragen kunnen snel oplopen. Stel dat de overheid 20.000 bijkomende zorgtrajecten financiert tegen gemiddeld 25.000 euro per jaar. Dan bedraagt de extra uitgave jaarlijks 500 miljoen euro.

Ook hier gaat het om een illustratieve berekening en niet om een officiële raming van een concreet verkiezingsvoorstel.

Meer zorg kan maatschappelijke voordelen opleveren. Gezinnen worden ontlast, mantelzorgers kunnen mogelijk meer beroepsactief blijven en ouderen krijgen sneller passende ondersteuning. Toch moet een regering die tegelijkertijd lagere belastingen belooft, uitleggen waar het bijkomende geld vandaan komt. Dat is geen probleem dat uitsluitend Vlaams Belang heeft. Iedere partij die meer dienstverlening en minder belastingen belooft, moet uiteindelijk dezelfde begrotingsrekening maken.

Belastingen en koopkracht: wie betaalt de verlaging?

Vlaams Belang wil werken financieel aantrekkelijker maken door de belastingdruk op arbeid aanzienlijk te verminderen. Ook hogere nettolonen en betere pensioenen maken deel uit van de doelstellingen.

Maar de belangrijkste instrumenten daarvoor bevinden zich op federaal niveau. Een Vlaamse regering kan bepaalde eigen belastingen en heffingen wijzigen. De grote hervormingen van de personenbelasting, de sociale bijdragen en de wettelijke pensioenen vereisen federale beslissingen.

Volgens de doorrekening van 2024 zou de voorgestelde hervorming van de personenbelasting ongeveer 14 miljard euro kosten op jaarbasis in de doorgerekende situatie. Dat bedrag heeft betrekking op de federale overheidsfinanciën en kan dus niet zomaar aan de Vlaamse begroting worden toegeschreven.

De partij wil daarnaast besparen op verschillende overheidsuitgaven en inkomsten verwerven door overheidsdeelnemingen te verkopen. De verkoop van aandelen in ondernemingen zoals Belfius, bpost en Ethias zou volgens de toenmalige doorrekening ongeveer 15 miljard euro kunnen opleveren. Maar er bestaat een wezenlijk verschil tussen beide bedragen. Een belastingverlaging heeft een terugkerend budgettair effect. De verkoop van overheidsaandelen levert slechts eenmaal geld op. Bovendien ontvangt de overheid na verkoop geen toekomstige dividenden meer uit die aandelen.

Een eenmalige opbrengst kan dus niet onbeperkt een structurele belastingverlaging financieren. De doorrekening van 2024 wees bovendien op een verdere verslechtering van het Belgische begrotingssaldo bij uitvoering van de ingediende maatregelen. Vlaams Belang betwistte de volledigheid van die berekening, onder meer omdat het onafhankelijkheidsscenario buiten de oefening viel.

Dat bezwaar verdient vermelding. Maar het betekent niet dat de niet-doorgerekende onderdelen automatisch voldoende besparingen zouden opleveren om het verschil te compenseren.

Klimaat, landbouw en energie: minder verplichtingen, maar ook grenzen

Vlaams Belang wil verschillende klimaat- en milieumaatregelen versoepelen. De partij vindt dat gezinnen, landbouwers en ondernemingen te zwaar worden belast door bepaalde verplichtingen en investeringen. Een Vlaamse regering kan subsidieregelingen wijzigen, vergunningenbeleid aanpassen en andere prioriteiten vastleggen voor landbouw en ruimtelijke ordening.

Ook het stikstofbeleid zou opnieuw kunnen worden bekeken. Voor sommige gezinnen en bedrijven kunnen versoepelingen op korte termijn een financieel voordeel betekenen. Minder verplichte investeringen kunnen de beschikbare koopkracht verhogen. Maar Europese natuur-, milieu- en klimaatregels blijven gelden. Vlaanderen kan die niet eenzijdig buiten werking stellen. Wanneer bepaalde verplichtingen niet worden nagekomen, kunnen juridische procedures en bijkomende kosten volgen. Op energiegebied is Vlaams Belang voorstander van kernenergie. Maar beslissingen over kerncentrales behoren hoofdzakelijk tot het federale bevoegdheidsniveau. Ook hier is de Vlaamse meerderheid dus onvoldoende om het volledige programma zelfstandig uit te voeren.

Cultuur en media: hier kan de verandering snel gaan

Vlaams Belang wil meer nadruk leggen op de Vlaamse identiteit, de Nederlandse taal en het cultureel erfgoed. De partij is ook kritisch voor bepaalde subsidies en voor wat zij beschouwt als ideologische eenzijdigheid in de media.

Op dit terrein beschikt Vlaanderen over belangrijke bevoegdheden. Een regering kan culturele subsidies herschikken, andere prioriteiten vastleggen en de financiering van instellingen wijzigen. Ook het beleidskader van de VRT kan worden aangepast.

De persvrijheid en de wettelijke waarborgen voor redactionele onafhankelijkheid blijven uiteraard bestaan. Financieel kunnen subsidieverminderingen besparingen opleveren. Maar de netto-opbrengst hangt af van de concrete instellingen en activiteiten die getroffen worden.

Wanneer een organisatie minder subsidies ontvangt, bespaart de overheid geld. Wanneer daardoor banen verdwijnen of dienstverlening wegvalt, kunnen elders nieuwe kosten ontstaan. Een besparing op één begrotingspost is dus niet noodzakelijk een even grote besparing voor de samenleving als geheel.

En wat als Vlaams Belang ook de Vlaamse meerderheid haalt bij de federale verkiezingen?

Tot nu toe hebben we vooral gekeken naar wat Vlaams Belang zelfstandig in Vlaanderen kan realiseren. Maar ons gedachte-experiment gaat verder. We veronderstellen dat de partij ook bij de federale verkiezingen meer dan de helft van de Vlaamse zetels in de Kamer verovert.

Dat geeft Vlaams Belang een bijzonder sterk mandaat van de Vlaamse kiezers. Toch ontstaat daardoor niet automatisch een federale meerderheid. De Kamer van Volksvertegenwoordigers telt 150 zetels. Voor een gewone parlementaire meerderheid zijn er minstens 76 nodig. Zelfs wanneer Vlaams Belang bijvoorbeeld 50 Kamerzetels zou behalen, blijft de partij 26 zetels verwijderd van die meerderheid. Ze heeft dan andere partijen nodig om een federale regering met een parlementaire meerderheid te vormen. En daarmee komen we bij een van de moeilijkste vragen van dit scenario.

Welke Franstalige partij wil met Vlaams Belang regeren?

Vlaams Belang streeft naar een onafhankelijk Vlaanderen. Dat betekent uiteindelijk de ontmanteling van de Belgische staat zoals die vandaag bestaat. Voor Franstalige partijen die België willen behouden, vormt dat een fundamenteel politiek meningsverschil.

Bovendien hebben de meeste andere partijen jarenlang geweigerd met Vlaams Belang samen te werken. Hoewel het cordon sanitaire op lokaal niveau inmiddels is doorbroken, volgt daaruit niet dat Franstalige partijen bereid zijn om federaal een coalitie met Vlaams Belang te vormen.

De partij zou dus moeten onderhandelen met mogelijke partners die op essentiële onderdelen van haar programma andere doelstellingen hebben. Dat hoeft niet te betekenen dat samenwerking over ieder afzonderlijk onderwerp uitgesloten is. Over koopkracht, veiligheid, begrotingsdiscipline of bepaalde administratieve hervormingen kunnen partijen gedeeltelijk overeenstemming vinden.

Maar een federaal regeerakkoord waarin de ontbinding van België centraal staat, zou veel verder gaan dan gewone beleidscompromissen.

Kan er een federale regering komen zonder Vlaams Belang?

Ja. De Belgische Grondwet verplicht een federale regering niet om over een meerderheid binnen elke taalgroep van de Kamer te beschikken. Dat betekent dat andere partijen samen een federale regering kunnen vormen zonder Vlaams Belang, zelfs wanneer die partij een absolute meerderheid van de Vlaamse Kamerzetels heeft.

Zo’n regering kan juridisch functioneren zolang ze aan de constitutionele voorwaarden voldoet en voldoende parlementaire steun heeft. Politiek zou dat wel een bijzondere situatie zijn. De partij die bij de Vlaamse verkiezingen zelfstandig kan regeren en bij de federale verkiezingen een meerderheid van de Vlaamse zetels verovert, zou federaal in de oppositie kunnen belanden.

Vlaanderen en de federale overheid zouden dan door regeringen met sterk uiteenlopende politieke doelstellingen worden bestuurd.

Wat als beide regeringen elkaar tegenwerken?

Stel dat de Vlaamse regering een onafhankelijkheidstraject wil voorbereiden, terwijl de federale regering vasthoudt aan de Belgische staatsstructuur. Vlaanderen kan binnen zijn bevoegdheden eigen keuzes maken, maar kan niet zomaar federale wetten naast zich neerleggen.

De federale regering kan op haar beurt niet zonder meer de Vlaamse bevoegdheden overnemen. Conflicten over de bevoegdheidsverdeling kunnen voor het Grondwettelijk Hof of de Raad van State terechtkomen. Andere meningsverschillen moeten politiek worden opgelost.

Dat kan gevolgen hebben voor gezamenlijke investeringen, financieringsafspraken en hervormingen waarvoor samenwerking nodig is. De economische kostprijs daarvan valt niet vooraf te bepalen. Een institutioneel conflict kan investeringen vertragen of onzekerheid veroorzaken, maar de omvang hangt af van de concrete beslissingen en de duur van het conflict.

Een absolute Vlaamse meerderheid is dus geen garantie op een vlotte uitvoering van het programma wanneer de federale regering een andere koers volgt.

En als Vlaams Belang toch federaal mee kan regeren?

Ook dan zijn er beperkingen. De Belgische Grondwet bepaalt dat de federale ministerraad, met uitzondering van de eerste minister, evenveel Nederlandstalige als Franstalige ministers telt. Dat betekent niet dat Vlaams Belang noodzakelijk een Franstalige coalitiepartij moet vinden om ministers te benoemen, maar wel dat de federale regeringsvorming aan constitutionele voorwaarden is gebonden.

Voor gewone federale wetten kan een parlementaire meerderheid volstaan. Voor belangrijke institutionele hervormingen gelden strengere regels. Bijzondere meerderheidswetten vereisen onder meer een meerderheid binnen elke taalgroep, voldoende aanwezige parlementsleden en een tweederdemeerderheid van de uitgebrachte stemmen.

Zelfs wanneer Vlaams Belang met andere partijen een gewone federale meerderheid vormt, kan het dus niet zonder meer de Belgische staatsstructuur wijzigen.

Kan Vlaams Belang België dan splitsen?

Dat is wellicht de meest ingrijpende vraag van ons gedachte-experiment. Vlaams Belang wil een onafhankelijk Vlaanderen. Een absolute meerderheid in het Vlaams Parlement zou de partij een sterk politiek mandaat geven om die doelstelling na te streven.

Maar België kan niet via een gewone Vlaamse decreetwijziging worden ontbonden. De Belgische Grondwet voorziet geen eenvoudige procedure waarmee Vlaanderen eenzijdig zijn onafhankelijkheid kan afdwingen.

Een Vlaamse regering zou een onafhankelijkheidsverklaring kunnen voorbereiden en het Vlaams Parlement daarover laten stemmen. Maar zo’n verklaring maakt Vlaanderen niet automatisch tot een internationaal erkende onafhankelijke staat. Een onderhandelde staatssplitsing zou afspraken vereisen over de grondgebieden, de schulden, de sociale zekerheid, de overheidsdiensten, de internationale verdragen en de Europese positie.

Vooral Brussel vormt een ingewikkeld vraagstuk. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft een eigen institutionele positie. Vlaanderen kan Brussel niet zonder meer opnemen in een onafhankelijke Vlaamse staat.

Ook Wallonië en de federale overheid zouden rechtstreeks betrokken zijn bij de gevolgen van een eventuele splitsing. Het verschil tussen een politieke onafhankelijkheidsverklaring en een daadwerkelijk functionerende onafhankelijke staat is daarom bijzonder groot.

De financiële rekening van een onafhankelijk Vlaanderen

Voorstanders van Vlaamse onafhankelijkheid wijzen op de financiële transfers tussen Vlaanderen en andere delen van België. Wanneer Vlaanderen zelfstandig zijn belastingen en sociale zekerheid zou beheren, zouden bepaalde bestaande financiële stromen kunnen verdwijnen.

Dat kan Vlaanderen financieel voordeel opleveren, afhankelijk van de uiteindelijke afspraken. Maar een onafhankelijke Vlaamse staat zou ook nieuwe verantwoordelijkheden krijgen.

Vandaag financiert de federale overheid onder meer de wettelijke pensioenen, de werkloosheidsverzekering, grote delen van de gezondheidszorg, defensie, justitie en verschillende nationale overheidsdiensten.

Die uitgaven verdwijnen niet wanneer België wordt gesplitst. Ze moeten dan door de nieuwe staten worden gedragen. Daarnaast moet de Belgische staatsschuld worden verdeeld.

Een rekenvoorbeeld maakt duidelijk hoe belangrijk dat is. Stel dat Vlaanderen bij een onderhandelde splitsing 300 miljard euro aan schuld zou overnemen. Bij een gemiddelde rente van 3 procent betekent dat 9 miljard euro jaarlijkse rentelasten, zonder rekening te houden met aflossingen. Die 300 miljard euro is uitsluitend een illustratief scenario en geen berekening van het werkelijke Vlaamse aandeel in de Belgische schuld.

Daartegenover kunnen besparingen staan door het verdwijnen van overlappende bestuursstructuren. Maar er kunnen ook nieuwe kosten ontstaan voor diplomatieke diensten, defensie, federale administraties en de overgang naar een zelfstandig staatsbestel. Bovendien moet duidelijk worden welke positie een onafhankelijk Vlaanderen binnen de Europese Unie en de eurozone zou krijgen.

Een automatische en probleemloze voortzetting van alle Belgische lidmaatschapsrechten is niet gegarandeerd. Daarover zouden politieke en juridische afspraken nodig zijn. De financiële uitkomst hangt dus af van een groot aantal onbekenden.

Het is niet verantwoord om vandaag te beweren dat onafhankelijkheid iedere Vlaming een bepaald bedrag per jaar zou opleveren, maar evenmin om zonder onderbouwing een vaste kostprijs per inwoner te noemen.

Daarvoor ontbreken concrete afspraken over Brussel, de staatsschuld, de sociale zekerheid, de fiscale inkomsten en de toekomstige overheidsuitgaven.

Wat zegt de doorrekening van het verkiezingsprogramma?

Het Federaal Planbureau heeft in 2024 een selectie van de verkiezingsvoorstellen van Vlaams Belang doorgerekend.

Daaruit kwamen onder meer de volgende bedragen naar voren:

VoorstelGeraamd financieel effect
Hervorming personenbelastingOngeveer 14 miljard euro aan jaarlijkse budgettaire kost in de doorgerekende situatie
Vermindering aantal asielzoekersRuim 700 miljoen euro aan besparingen
Verkoop overheidsdeelnemingenOngeveer 15 miljard euro eenmalige opbrengst
Investeringen in nieuwe kerncentralesOngeveer 2 miljard euro aan voorziene budgettaire impuls
Extra ondersteuning van gezinnen via opvoedersinkomenBijna 500 miljoen euro aan geraamde kost

Deze bedragen hebben niet allemaal dezelfde tijdshorizon of begrotingstechnische betekenis. Ze mogen daarom niet zomaar worden opgeteld. Bovendien is de doorrekening geen volledige kostprijsberekening van het partijprogramma. Alleen geselecteerde maatregelen werden onderzocht, binnen het bestaande Belgische en Europese juridische kader.

De mogelijke onafhankelijkheid van Vlaanderen viel buiten die oefening. Volgens de in 2024 gepubliceerde analyse zou het Belgische begrotingstekort bij uitvoering van de ingediende maatregelen in 2029 oplopen tot meer dan 53 miljard euro. Dat is het geraamde totale tekort in het doorgerekende scenario, niet de bijkomende kost van het programma alleen.

Vlaams Belang betwistte de volledigheid van die resultaten, omdat volgens de partij belangrijke voordelen van Vlaamse zelfstandigheid niet werden meegerekend. Die mogelijke voordelen zijn echter niet automatisch bewezen doordat ze buiten de berekening vallen.

De werkelijke financiële balans van een onafhankelijkheidsscenario vereist een afzonderlijke, veel uitgebreidere analyse.

Wat betekent dit voor de gewone burger?

Voor een werknemer kan een forse belastingverlaging een hoger nettoloon betekenen. Maar daarvoor moet de partij federaal de nodige beslissingen kunnen laten goedkeuren en de financiering ervan regelen.

Voor een gezin dat op een sociale woning wacht, kunnen andere toewijzingsregels gevolgen hebben voor de plaats op de wachtlijst. Maar zonder bijkomende woningen blijft het algemene tekort bestaan.

Voor ouderen en personen met een handicap kunnen extra zorgmiddelen de dienstverlening verbeteren. Daarvoor moeten wel voldoende personeel en structurele financiering beschikbaar zijn.

Voor ondernemers kunnen bepaalde versoepelingen en lastenverlagingen aantrekkelijk zijn. Tegelijk kunnen personeelstekorten, juridische onzekerheid of institutionele spanningen bijkomende kosten veroorzaken.

Voor gepensioneerden verandert een absolute meerderheid in het Vlaams Parlement niet automatisch iets aan hun wettelijk pensioen. Dat is een federale bevoegdheid.

Bij een daadwerkelijke onafhankelijkheid zou Vlaanderen daarentegen zelf verantwoordelijk moeten worden voor de financiering en organisatie van de wettelijke pensioenen, inclusief afspraken over reeds opgebouwde rechten.

Voor de inwoners van Brussel en Wallonië kunnen de financiële gevolgen eveneens aanzienlijk zijn wanneer de bestaande solidariteitsmechanismen en federale geldstromen veranderen.

De rekening is dus niet voor iedereen dezelfde. Sommige burgers kunnen van bepaalde maatregelen profiteren, terwijl anderen nadelen ondervinden. Veel hangt af van de uiteindelijke wetgeving en de manier waarop die wordt gefinancierd.

Wat zou er nu werkelijk veranderen?

Een absolute meerderheid van Vlaams Belang in Vlaanderen zou zonder twijfel belangrijke politieke veranderingen mogelijk maken. De partij zou zelfstandig kunnen beslissen over onderwijs, cultuur, wonen, integratie, landbouw en verschillende onderdelen van het welzijnsbeleid. Ze zou andere budgettaire prioriteiten kunnen vastleggen en subsidies en regelgeving kunnen aanpassen.

Maar op federaal niveau wordt de situatie veel ingewikkelder. Een meerderheid van de Vlaamse Kamerzetels volstaat niet om België alleen te besturen. Daarvoor zijn bijkomende zetels en politieke afspraken nodig.

Wanneer andere partijen een federale regering vormen zonder Vlaams Belang, kan de partij ondanks haar Vlaamse verkiezingsoverwinning op verschillende cruciale beleidsterreinen geen beslissingen nemen. Wanneer ze wel federaal mee regeert, moet ze rekening houden met haar coalitiepartners, de Belgische Grondwet, Europese regelgeving en internationale verplichtingen. En voor de onafhankelijkheid van Vlaanderen volstaat zelfs een gewone federale meerderheid niet om alle noodzakelijke institutionele wijzigingen door te voeren.

Dat brengt ons bij de belangrijkste vaststelling van dit gedachte-experiment. Een partij kan de absolute meerderheid van de Vlaamse kiezers achter zich krijgen en daardoor zelfstandig Vlaanderen besturen, zonder dat ze automatisch over de middelen beschikt om haar volledige verkiezingsprogramma uit te voeren.

Voor sommige maatregelen is politieke wil voldoende, voor andere zijn bijkomende parlementaire meerderheden nodig. Nog andere voorstellen vergen internationale afspraken of een ingrijpende hertekening van de Belgische staatsstructuur.

Ook financieel blijven er belangrijke vragen open. Belastingverlagingen, bijkomende zorguitgaven en nieuwe investeringen moeten worden gefinancierd. Besparingen op migratie, subsidies of overheidsstructuren kunnen daar gedeeltelijk tegenover staan, maar niet iedere beloofde besparing is vooraf aantoonbaar.

En de financiële gevolgen van een eventuele Vlaamse onafhankelijkheid zijn zonder concrete afspraken onmogelijk betrouwbaar te becijferen.

Een absolute meerderheid zou Vlaams Belang de mogelijkheid geven om zijn Vlaamse beleid zonder coalitiecompromissen vorm te geven. Maar zelfs een bijzonder grote verkiezingsoverwinning aan Vlaamse kant betekent niet dat de partij automatisch de macht over België krijgt.

Daar ligt het fundamentele onderscheid tussen een verkiezingsprogramma, een politieke meerderheid en de daadwerkelijke uitvoering van beleid.


Aurélie, virtuele AI-redactrice van Boomager

Bronnen en uitgangspunten: verkiezingsprogramma Vlaams Belang 2024; Federaal Planbureau, doorrekening verkiezingsprogramma’s 2024; Belgische Grondwet en de bevoegdheidsverdeling tussen de federale staat, gemeenschappen en gewesten. De genoemde bedragen zijn historische ramingen uit 2024 of uitdrukkelijk aangeduide rekenvoorbeelden. Ze vormen geen voorspelling voor een toekomstige legislatuur.

NIEUW! KOERSKLAP

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang elke woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

Wie wil mij adopteren?

Wat als je op latere leeftijd gewoon nieuwe kinderen kon kiezen? In deze ietwat absurde column besluit Stefaan Van Laere zich alvast ter adoptie aan te bieden, met het oog op de dag waarop hij misschien dement wordt. Kandidaten moeten zorgzaam, geduldig en financieel stabiel zijn — en een zwembad levert uiteraard bonuspunten op. Een maffe maar herkenbare kijk op ouder worden, afhankelijkheid en de kunst om vooral niet te serieus te worden.

Nieuwe start

spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...