Rookmelder

Ik word de laatste tijd af en toe wakker van mijn rookmelder. Niet omdat mijn huis voortdurend in brand staat, voor alle duidelijkheid, want dat zou op zichzelf al een tamelijk vervelende woonomstandigheid zijn. Het gaat om dat ene korte piepje dat zo’n rookmelder produceert wanneer zijn batterij langzaam maar zeker aan het einde van haar carrière komt.

Je hoort ergens in huis plots een geluid en vraagt je af wat het precies was. Je luistert nog eens, maar hoort niets meer en besluit dan dat je het misschien gedroomd hebt, dat er buiten iets piepte of dat er ergens een toestel een geluid maakte dat je niet meteen kon thuisbrengen. Of erger nog, dat je langzaam gek aan het worden bent maar dat hou je natuurlijk liefst voor jezelf. En wat doe je dan, je draait je om, probeert opnieuw te slapen en net wanneer je ervan overtuigd bent dat er niets aan de hand was, klinkt het opnieuw.

Piep. Daar is het weer. En dan begint het grote onderzoek. Kwam het van beneden, uit de gang, uit de keuken of toch van boven? Je staat uiteindelijk ergens midden in huis, in adamskostuum, half aangekleed of nog in pyjama, met je hoofd een beetje schuin alsof die houding je plotseling het gehoor van een Duitse herder bezorgt. Uiteraard blijft het toestel op dat ogenblik muisstil. Pas wanneer je opnieuw in bed ligt en jezelf hebt wijsgemaakt dat je het morgen wel zult uitzoeken, laat het zich opnieuw horen.

Rookmelders hebben daar blijkbaar een bijzonder talent voor. Het systeem erachter is nochtans verstandig. Wanneer de batterij bijna leeg is, begint zo’n toestel niet onmiddellijk met een oorverdovend alarm. Eerst komt er af en toe een voorzichtig waarschuwingssignaal, net genoeg om je aandacht te trekken. Reageer je daar niet op, dan komt het wat vaker terug, en blijf je het negeren, dan wordt het uiteindelijk zo vervelend dat je wel moet ingrijpen.

Onlangs bedacht ik dat Boomager misschien af en toe een ‘rookmelder’ moet zijn van wat er allemaal in de samenleving kan verkeerd gaan.

Dat klinkt op het eerste gezicht misschien vreemd, want Boomager wil in de eerste plaats een positieve community zijn voor actieve vijftigplussers. Wij willen graag vertellen over wat nog allemaal kan, over reizen, werken, ondernemen, sporten, lezen, liefhebben, ontdekken, plannen maken en af en toe iets doen waarvan je omgeving vindt dat je er misschien toch stilaan wat te oud voor bent.

Vooral dat laatste moeten we blijven doen. Want het idee dat het leven vanaf vijftig langzaam in een soort uitloopstrook terechtkomt, mag wat mij betreft dringend verdwijnen. Je kent het wel: je bent 55 en plots vraagt iemand of je al eens over je pensioen hebt nagedacht, terwijl je misschien net plannen maakt om een zaak te beginnen, een nieuwe opleiding te volgen, een halve marathon te lopen of eindelijk gitaar te leren spelen. Er zijn zelfs mensen die op hun zestigste nog altijd niet weten wat ze later willen worden, en eerlijk gezegd vind ik dat een bijzonder geruststellende gedachte.

Positief zijn betekent echter niet dat je moet doen alsof alles goed gaat. Integendeel, wie het leven ernstig neemt, moet ook durven zeggen wanneer er iets fout loopt. En daar begint de vergelijking met die rookmelder.

Er zijn nogal wat zaken waarbij vijftigplussers vandaag af en toe een waarschuwingssignaal mogen laten horen. Denk aan de arbeidsmarkt, waar ervaring in vacatures voortdurend wordt geprezen maar waar een geboortedatum soms toch merkwaardig snel het enthousiasme doet verdwijnen. Denk aan de digitalisering, waarbij ons voortdurend wordt verteld dat alles eenvoudiger wordt terwijl je voor sommige administratieve handelingen ondertussen een smartphone, een kaartlezer, drie wachtwoorden, een verificatiecode en vermoedelijk binnenkort ook een toegangsexamen informatica nodig hebt.

Hetzelfde geldt voor gezondheidszorg, pensioenen, mobiliteit, betaalbaar wonen, eenzaamheid en de manier waarop oudere mensen soms nog altijd worden voorgesteld alsof ze één grote uniforme bevolkingsgroep vormen. Alsof iemand van 52, iemand van 71 en iemand van 94 ongeveer dezelfde levensstijl, mogelijkheden en verwachtingen hebben omdat ze toevallig allemaal onder de ruime noemer ‘oudere’ terechtkomen.

Dat soort zaken mogen we signaleren. Alleen is één piepje vaak niet genoeg. Dat merken we allemaal. Er gebeurt iets dat niet klopt, iemand schrijft er een artikel over, een politicus verklaart dat het probleem zijn volle aandacht heeft en een deskundige komt op televisie vertellen dat het inderdaad bijzonder complex is. Vervolgens knikken we ernstig, drinken we onze koffie uit en gaan we weer verder met ons leven.

Een week later heeft iedereen het over iets anders. Daarom zal Boomager soms meer dan één keer moeten piepen.

Niet omdat wij zuur willen worden, niet omdat we overal problemen willen zoeken en zeker niet omdat vijftigplussers zichzelf voortdurend als slachtoffer moeten voorstellen. Dat zou precies het tegenovergestelde zijn van wat we willen bereiken. Maar wie positief in het leven staat, hoeft daarom nog niet blind te zijn voor dingen die beter kunnen.

Misschien moeten we zelfs af en toe een beetje lastig zijn. Een luis in de pels, zoals dat zo mooi heet, al geef ik toe dat ik persoonlijk de vergelijking met een rookmelder aantrekkelijker vind. Een rookmelder probeert tenslotte niemand te pesten. Hij zegt alleen: kijk hier eens naar, want als je niets doet, zou dit later weleens een groter probleem kunnen worden.

En wanneer niemand naar het eerste piepje luistert, piept hij opnieuw. Desnoods wat luider. En steeds vaker, tot eindelijk iemand er iets aan doet.

Want uiteindelijk is dat de bedoeling van zo’n vervelend ding aan het plafond. Niet om je midden in de nacht uit je bed te jagen, maar om te voorkomen dat je op een ochtend wakker wordt en ontdekt dat er van het huis weinig meer overblijft dan een rokende hoop as, kommer en kwel.

Zo zie ik ook een deel van onze opdracht bij Boomager. We willen blijven vertellen over alles wat mooi, interessant, verrassend en plezierig is aan ouder worden. We willen tonen hoeveel mogelijkheden er nog zijn en hoeveel plannen een mens nog kan maken wanneer anderen beginnen te denken dat hij het stilaan wat rustiger aan zou moeten doen.

Maar wanneer er ergens rook ontstaat, mogen we dat ook zeggen. Eerst vriendelijk; daarna nog eens. En als niemand luistert, iets luider. Want een goede rookmelder is misschien af en toe vervelend, maar je zou hem pas echt missen wanneer hij zwijgt wanneer het nodig is.

NIEUW! KOERSKLAP

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang elke woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

Drie levens, één thuis

Hoe Freddy, Edwina en Erica elkaar vonden Freddy De Belder was drieënzestig toen het huis waar hij dacht alle stille uren te kennen, zich...
spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...