Als u dit artikeltje op uw scherm ziet verschijnen, zullen al wel enkele resultaten van de Amerikaanse verkiezingen bekend zijn. Op het moment dat ik dit schrijf, worden er nog uur na uur voorspellingen gemaakt, waarbij de Democraten almaar nadrukkelijker als de vermoedelijke winnaars naar voren worden geschoven. Wat niet noodzakelijk zo hoeft te gebeuren, of misschien inmiddels ook helemaal niet gebeurd is. Tot grote ontgoocheling dan van de miljoenen Yankees die er zo op gerekend hadden dat hun huidige president een serieuze klap in het gezicht zou krijgen.
Vooral in de States is het, als het om verkiezingen gaat, o zo moeilijk te voorspellen wat er uit de stemhokjes en uiteindelijk uit de stembussen zal komen. Zeker nu die zonderlinge kerel, president Trump, zichzelf als de centrale figuur van het gebeuren heeft opgedrongen. Wat niet direct normaal genoemd kan worden, want de keuzes gingen ditmaal niet over de president zelf, maar over de samenstelling van het Congres en de machtsverhoudingen tussen de twee grote partijen.
De onvoorstelbare Donald dacht daar anders over. Om te beginnen heeft hij in de voorafgaande weken vrijwel ononderbroken reclame gemaakt voor ‘zijn Republikeinen’, wat dan weer deed vermoeden dat hij zijn ploeg alsnog naar de overwinning zou slepen. Net die ploeg die het land, nog altijd een van de machtigste ter wereld, niet bepaald naar betere tijden heeft geleid. Onder meer door tijdens Trumps tweede ambtstermijn herhaaldelijk beloften te doen die vervolgens niet werden nagekomen, of, erger nog, door precies het tegenovergestelde uit te voeren.
Normaal kan zoiets de verantwoordelijke leider of politicus naar de zwaarste nederlaag uit zijn loopbaan leiden. Maar in het geval van Trump bleef daarover, tot op het moment dat de stemmen geteld zouden worden, behoorlijk wat twijfel bestaan. Let wel, het ging om stemmen voor de vertegenwoordigers van de partijen en dus niet voor hem persoonlijk.
Ik noteerde onlangs onder meer die ene uitspraak, afkomstig uit het rechtse kamp, waarmee zowat alles werd gezegd over de zonderlingste ‘mister president’ die ooit in Washington op de troon heeft gezeten. ‘Hij heeft al veel grove fouten gemaakt’, zo stond er gedrukt, ‘maar men kan hem dat moeilijk verwijten!’
Denk bijvoorbeeld aan het feit dat hij nadrukkelijk naar de Nobelprijs voor de Vrede hengelde, maar intussen Iran liet aanvallen en de Venezolaanse president Nicolás Maduro door Amerikaanse militairen liet gevangennemen. Of aan zijn voornemen om voortaan vrijwel uitsluitend met en voor Amerika bezig te zijn, terwijl hij zich bleef bemoeien met tal van andere landen, die hij bovendien bij herhaling financieel onder druk zette. Om niet te zeggen dat hij hun op zijn eigen manier aardig wat centen uit de zakken probeerde te kloppen.
Maar kom, zo dicht bij de verkiezingsdag geloof ik zelf ook dat de Democraten het zullen halen. Al betekent dat nog niet dat ze in beide kamers van het Congres een meerderheid zullen veroveren. En Trump zal, zoals de Amerikaanse grondwet voorschrijft, gewoon president blijven. Mogelijk wel met aanzienlijk minder bewegingsvrijheid, als de Democraten erin slagen hem in het Congres voldoende tegenwicht te bieden.
Dat hij bij een nederlaag van zijn Republikeinen niet zal aarzelen om de uitslag in twijfel te trekken, zou mij evenmin verbazen. En wie weet probeert hij zijn aanhangers opnieuw op te hitsen, zoals bijna zes jaar geleden, toen na zijn verkiezingsnederlaag tegen de Democraat Joe Biden een woedende menigte het Capitool bestormde.
Het zou niet de eerste keer zijn dat de Verenigde Staten van Amerika vooral demonstreren hoe weinig verenigd ze eigenlijk nog zijn.
















