HomeMENS & SAMENLEVINGGeneratiesWie wil mij adopteren?

Wie wil mij adopteren?

Ik heb besloten dat ik mij laat adopteren.

Niet onmiddellijk, voor alle duidelijkheid. Voorlopig trek ik mijn plan nog behoorlijk goed. Ik kan mezelf wassen, aankleden en voeden, vind meestal zonder begeleiding het toilet terug en weet bijna altijd welke dag van de week het is. Bovendien kan ik nog zelfstandig met de auto rijden, een bankoverschrijving uitvoeren en zonder hulp een fles wijn ontkurken. Vooral dat laatste beschouw ik als een belangrijke graadmeter voor zelfredzaamheid.

Maar een mens moet vooruitdenken. Er kan een dag komen waarop het allemaal wat minder wordt. Misschien word ik vergeetachtig. Misschien loop ik op een ochtend drie keer naar boven omdat ik telkens vergeten ben wat ik daar ging halen. Misschien leg ik mijn bril in de koelkast, zoek ik de afstandsbediening terwijl ik hem in mijn hand heb en bel ik verontwaardigd naar de politie omdat iemand mijn auto heeft gestolen, terwijl ik hem twee straten verder zelf heb geparkeerd.

En misschien word ik ooit dement. Daarom wil ik nu, zolang ik nog in staat ben een degelijke selectieprocedure te organiseren, nieuwe kinderen zoeken.

Niet dat ik iets tegen mijn huidige kinderen heb. Laat daar geen misverstand over bestaan. Ze zijn destijds geleverd zonder proefperiode of retourrecht en uiteindelijk ben ik behoorlijk tevreden over het product. Maar wanneer het over mijn oude dag gaat, vind ik dat je geen enkel risico mag nemen.

Je kiest toch ook zorgvuldig een verzekeringsmaatschappij, een tandarts en iemand die je verwarmingsketel onderhoudt? Waarom zou je dan de mensen die later mogelijk beslissen waar jij moet wonen zomaar overlaten aan een biologische toevalligheid van tientallen jaren geleden? Dat lijkt mij onverantwoord. Ik zoek dus adoptiekinderen. Volwassen uiteraard. Ik ga op mijn leeftijd niet opnieuw beginnen met pampers, oudercontacten, buikgriep en om halfvier aan een schoolpoort staan.

Mijn voorkeur gaat uit naar kandidaten tussen 35 en 50 jaar. Jong genoeg om mij statistisch gezien te overleven, maar oud genoeg om al een behoorlijk inkomen te hebben.

Een medische opleiding strekt tot aanbeveling. Een huisarts als zoon lijkt mij bijzonder praktisch. Een tandarts als dochter kan eveneens interessant zijn. Apothekers mogen zich ook aanmelden. Advocaten liever niet. Zelfs als adoptievader moet je ergens grenzen trekken.

Financiële stabiliteit is belangrijk. Een eigen woning is vereist. Een tweede verblijf is een pluspunt. Kandidaten met een huis in Zuid-Frankrijk, Spanje of Italië komen automatisch in de tweede ronde. Een zwembad is geen absolute voorwaarde, maar ik wil mij ook niet onder mijn marktwaarde laten adopteren. Uiteraard volgt er eerst een sollicitatiegesprek. Ik wil weten waarom ze precies een vader zoeken.

“Waarom wilt u mij adopteren?”

“Omdat u zo sympathiek bent.”

Verkeerd antwoord. Daar trap ik niet in. Ik zoek kinderen die eerlijk zijn.

“Omdat wij iemand nodig hebben die tijdens onze vakantie op de hond past.”

Kijk. Daar kunnen we over praten. Vervolgens wil ik weten hoe ze tegenover mijn toekomstige dementie staan. Dat is een belangrijk onderdeel van de selectieprocedure. Stel dat ik op mijn 84ste elke namiddag opnieuw vertel dat Eddy Merckx vijf keer de Tour heeft gewonnen. Dan verwacht ik niet dat iemand zegt: “Ja pa, dat heb je vandaag al zes keer verteld.”

Nee, dan verwacht ik enthousiasme.

“Echt waar? Vijf keer? Vertel eens!”

Daarna begin ik opnieuw en iedereen luistert. Dat heet mantelzorg.

Wanneer ik later beweer dat ik zelf in 1975 naast Merckx de Puy de Dôme ben opgereden, hoeft niemand mij trouwens onmiddellijk tegen te spreken. Op een bepaalde leeftijd mag de waarheid een beetje elastisch worden. Misschien was ik erbij. Wat weten zij daarvan?

Ook rond eten wil ik duidelijke afspraken. Ik wil niet dat mijn toekomstige kinderen op een bepaald moment beslissen dat ik voortaan zoutloos moet eten omdat mijn bloeddruk 145 is.

Ik ben nu dus even in gedachten 86. En eet graag kroketten, en veel. Als ik op mijn 86ste drie bitterballen, een glas rode wijn en een dame blanche wil, verwacht ik geen voedingsdeskundige aan tafel die zegt dat dat onverstandig is. Op mijn 86ste is vrijwel alles wat nog leuk is waarschijnlijk onverstandig.

Ik wil ook inspraak in mijn eventuele rusthuis. Geen instelling met een naam als Avondrood, De Laatste Linde of Residentie Eeuwige Rust. Wanneer je mij ergens onderbrengt waar het woord “rust” twee keer in de brochure voorkomt, kom ik later bij je spoken.

Er moet wifi zijn. Goede koffie. Een bar. En personeel dat begrijpt dat een man die zijn broek achterstevoren aantrekt nog altijd recht heeft op een fatsoenlijke espresso.

Mijn adoptiekinderen moeten bovendien bereid zijn geregeld langs te komen. Niet elke dag. Ik ben dement, niet veeleisend. Maar één bezoek per week lijkt mij redelijk. En geen bezoek waarbij men na zeven minuten zegt: “Zo pa, we moeten weer verder.”

Waarheen? Jullie zijn op bezoek bij mij. Dit is verder. Kandidaten met kinderen genieten trouwens mijn voorkeur. Ik krijg bij de adoptie namelijk graag meteen kleinkinderen erbij. Dat bespaart tijd. De kleinkinderen moeten mij opa noemen, tenzij ik op dat moment overtuigd ben dat ik Napoleon ben. Dan verwacht ik enige flexibiliteit.

Er zijn ook voordelen voor mijn toekomstige adoptiekinderen. Ik ben relatief onderhoudsvriendelijk. Ik eet bijna alles. Ik heb geen huisdieren. Ik hoef niet meer naar school. Je moet mij ’s nachts waarschijnlijk niet meer komen ophalen uit een discotheek. En wanneer ik later toch volledig de weg kwijt ben, kun je mij elk jaar hetzelfde kerstcadeau geven. Ik weet het de volgende ochtend toch niet meer.

Budgettair bijzonder interessant. Over de erfenis moeten we wel vooraf praten. Normaal erven kinderen van hun ouders. Maar aangezien zij míj adopteren, lijkt het mij redelijk dat het systeem in beide richtingen werkt. Wanneer mijn nieuwe zoon een succesvolle projectontwikkelaar van 47 met drie appartementen aan zee is en onverwacht voor mij overlijdt, vind ik dat zijn adoptievader niet met lege handen achter kan blijven. Familie is familie.

Ik verwacht veel kandidaten. Misschien moet Boomager er zelfs een nieuwe rubriek voor beginnen.

BOOMAGER ZOEKT KINDEREN.

Met profielen.

Sofie, 43. Cardiologe. Gehuwd. Twee kinderen. Villa. Houdt van koken en haar vader verwennen.

Naar rechts.

Kevin, 39. Personal trainer. Woont op appartement. Drinkt alleen smoothies en vindt dat zestigplussers minstens 10.000 stappen per dag moeten zetten.

Naar links. Heel ver naar links.

Ann en Peter, 46 en 48. Hebben een huis in Toscane en zoeken een gezellige adoptievader die graag meegaat op vakantie.

Ik pak mijn koffer. Misschien vind ik uiteindelijk het perfecte gezin. Mensen die mij meenemen uit eten, mij later met engelengeduld voor de twaalfde keer dezelfde anekdote laten vertellen en nooit zeggen: “Dat mag jij niet meer.”

En als ik op mijn 89ste op een ochtend wakker word, hen aankijk en vraag: “Wie zijn jullie eigenlijk?”

Dan hoop ik dat ze niet gekwetst zijn. Ik heb ze tenslotte zelf uitgekozen. Al zal ik mij dat tegen die tijd waarschijnlijk niet meer herinneren.

Dus bij deze: Wie wil mij adopteren? Sollicitaties mogen nu al binnen. Er is geen haast.

Maar kandidaten met een zwembad krijgen voorrang.

Vorig artikel
Volgend artikel

NIEUW! KOERSKLAP

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang iedere woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

8 mei 1945

8 mei wordt sinds vele jaren al bij ons niet meer gevierd en in Rusland gebeurde dat - enkele dagen geleden - op een...
spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...