HomeHET TWEEDE HOOFDSTUKPersoonlijke verhalenDe kerstboom keek mij ook al verwijtend aan (en hij had een...

De kerstboom keek mij ook al verwijtend aan (en hij had een punt)

Ik weet niet wanneer het precies gebeurd is, maar ergens tussen mijn vijftigste verjaardag en het moment waarop ik vorige week drie keer moest niezen bij het passen van een kersttrui, ben ik officieel een kerstboomager geworden. Dat is een aparte diersoort. Niet te verwarren met de Kerstman, al hebben we soms dezelfde buik, een gelijkaardige baardgroei op strategische plaatsen en een verrassend professioneel niveau van functioneren op te weinig slaap en te veel wijn.

Kerstmis begint voor mij elk jaar met een grove inschattingsfout. Ik denk altijd: dit jaar hou ik het eenvoudig. Klein. Warm. Gezellig. Zonder stress. Zonder schema’s. Zonder Excelbestand. Dat denk ik dus echt. Tot ik op 24 december om 10u17 in de keuken sta en me plots afvraag of mensen tegenwoordig nog mayonaise eten, of alleen nog iets met hummus, gefermenteerde citroen en een subtiele morele superioriteit.

De kerstboom staat er dan al. Of toch iets wat daar vaag op lijkt. Een boom die ooit fier en groen was, maar na drie dagen in onze woonkamer het charisma heeft van een vermoeide stationschef. Hij verliest naalden alsof hij zijn levenskeuzes heroverweegt. Elke keer ik passeer, lijkt hij mij aan te kijken met een blik die zegt: “Jij wilde per se een echte boom. Je had ook een plant kunnen nemen. Of helemaal niets.”

Ik praat ook terug. Dat is nieuw dit jaar. Of misschien deed ik dat vroeger ook al en hoor ik het nu pas.

Kerstmis is het moment waarop je beseft dat je generatie het roer heeft overgenomen, maar dat niemand je ooit een cursus ‘Feestdagen voor Gevorderden’ heeft gegeven. Vroeger was er “kerst bij de ouders”. Nu bén jij de ouders. Of toch degene die alles organiseert, regelt, koopt, kookt en ondertussen innerlijk nog altijd een puber is die liever frieten eet dan een perfect uitgebalanceerd menu met bijpassende wijnen.

En dan zijn er de cadeaus. Ooit kreeg je dingen. Nu moet je dingen bedenken. Voor mensen die alles al hebben. Of die zeggen dat ze niets willen, wat uiteraard de grootste leugen is sinds “ik ben zo thuis”. Ik heb dit jaar serieus overwogen om iedereen gewoon een zak goeie patatten te geven. Met een kaartje erbij: “Iets praktisch. Denk aan mij als je ze schilt.” Uiteindelijk heb ik dat niet gedaan, omdat ik bang was dat iemand het concept ‘ironie’ niet zou begrijpen.

Kerstmis is ook het seizoen van de gesprekken die elk jaar terugkomen, maar toch altijd weer verrassen. Iemand zegt: “We moeten dat vaker doen.” Iemand anders zegt: “Wat vliegt de tijd.” En ergens tussen de soep en het hoofdgerecht zegt iemand: “Zeg, herinner jij je nog…?” waarna een verhaal volgt dat al minstens vijftien keer verteld is, maar dit keer met andere details. Niemand corrigeert nog. Dat is geen vergeetachtigheid, dat is mildheid. Dat is volwassen worden.

Als boomager kijk ik met lichte verbijstering naar jongere generaties rond de kersttafel. Ze eten anders. Ze drinken anders. Ze hebben sterke meningen over dingen waar ik nog nooit van gehoord heb. Ze praten over ‘boundaries’ terwijl ik nog altijd moeite heb met het woord ‘airfryer’. En toch zie ik mezelf. Want ook wij waren ooit zo. Alleen documenteerden we onze onzekerheden niet permanent met foto’s en filmpjes. Onze gênante kerstoutfits bestaan gelukkig alleen nog in het collectieve geheugen, en zelfs dat geheugen is selectief geworden.

Er is ook altijd dat moment waarop iemand zegt: “Zullen we nog een spelletje doen?” En ik meteen weet: dit gaat minstens anderhalf uur duren en eindigen in lichte frustratie, interpretatieverschillen over de regels en iemand die zegt dat het “vroeger toch anders was”. Toch doen we het. Elk jaar opnieuw. Omdat het erbij hoort. Omdat tradities soms vooral bestaan uit dingen waar je lichtjes tegenop ziet, maar die je achteraf toch koestert.

Tegen de avond wordt alles zachter. De gesprekken. De stemmen. De verwachtingen. Mensen leunen achterover. Iemand doet een knoopje van zijn broek los en doet alsof niemand het ziet. De kerstboom helt een beetje gevaarlijk naar links, net als ik. En ergens tussen dessert en koffie denk ik: dit is het dan. Dit is waarom we dit doen.

Niet omdat het perfect is. Niet omdat alles klopt. Maar omdat we hier nog zitten. Met onze verhalen, onze kuren, onze lichte lichamelijke ongemakken en onze hardnekkige behoefte om het toch elk jaar opnieuw te proberen.

Op het einde van de avond zit ik in de zetel. Te veel gegeten. Te veel gedronken (niet echt, ik heb alcohol opgegeven, maar ik herinner me nog het gevoel, ik doe het nu met wijn 0.0%). De kerstboom laat nog één laatste naald los, als een symbolisch gebaar. Ik kijk ernaar en denk: volgend jaar hou ik het simpel.

Ik lieg alweer. Maar het is een warme leugen. En eerlijk: dat is misschien wel de mooiste kersttraditie van allemaal.

NIEUW! KOERSKLAP

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang elke woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

thee veroverde de wereld

De impact van thee op de wereldgeschiedenis

Thee is dus meer dan een geliefd drankje. Het heeft eeuwenlang een centrale rol gespeeld in de vorming van economieën, samenlevingen en zelfs politieke...
spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...