Historische omgeving met eigentijdse aanpak
Het Turano-stuwmeer, in de Italiaanse provincie Rieti, kwam pas in de twintigste eeuw tot stand, maar de hele streek ademt een veel oudere geschiedenis uit. Vandaag is het een rustige omgeving, die uitnodigt tot ontspannen, maar de bewaard gebleven oude architectuur getuigt van een gewelddadig verleden. In sommige perioden was er zoveel oorlogsgeweld dat er niets meer van overbleef.
Dat je er geen sporen meer vindt van de voorchristelijke Sabijnse cultuur heeft wellicht niet alleen te maken hebben met de legendarische Sabijnse Maagdenroof. Later passeerden er onder meer ook Saracenen en Noormannen, een Duitse keizer en, tijdens de Tweede Wereldoorlog, een verdwaalde geallieerde bommenwerper.

Het Turanomeer is een kunstmatig meer dat in 1938 ontstond door de aanleg van een dam. Die moest tegelijk de overstromingen van de rivier Velino beheersen en elektriciteit opwekken – al sprak men toen nog niet van ‘groene’ energie. Samen met het nabijgelegen Saltomeer vormt het één hydraulisch systeem. Via een 9 kilometer lange tunnel onder de Monte Navegna wordt water tussen beide reservoirs uitgewisseld om de wateraanvoer naar de waterkrachtcentrale van Cotilia te regelen. Het meer is slechts 5,6 vierkante kilometer groot, maar heeft wel een oeverlijn van 38 kilometer, met kleine strandjes en informele plekken. Dit maakt het erg geschikt voor recreatie, zonder dat het ooit druk aanvoelt.
Gevarieerd landschap
Internationaal geniet het gebied vooral bekendheid bij pelgrims, die de Cammino di San Benedetto (Benedictusweg) afleggen. Binnenlands is het, op – langs de weg 90 km van het centrum van Rome – een meer algemeen vertrouwde bestemming. Zeilen, kajakken, georganiseerde en ongeorganiseerde trektochten en – mits naleving van strikte regels – vissen behoren tot de mogelijkheden. De wegen rond het meer bieden achter vrijwel elke bocht een nieuw panorama, terwijl grootschalige bebouwing volledig ontbreekt.
Emissieloze boottochten

Castel di Tora, gebouwd op een steile landtong aan het meer, is vandaag een toeristische uitvalsbasis. Vanaf hier kan je met de door zonne-energie aangedreven elektrische boot een tocht over het water maken. Daarnaast worden er opleidingen voor kajakkers en natuurverkenners georganiseerd. In de omliggende heuvels van de Riserva naturale Monte Navegna e Monte Cervia leven wilde zwijnen, vossen, herten en steenarenden en tieren brem, tijm, beuk, eik en kastanje welig. Truffelspecialisten vinden er zowel zwarte als witte truffels.
Robuuste architectuur

Castel di Tora was eeuwenlang een versterkte plaats, een toevluchtsoord voor de bewoners van de minder verdedigbare dorpen in de omgeving. Heel wat gebouwen ogen erg robuust. Vooral de vroegere poortgebouwen springen daarbij in het oog. Het kasteeldorp biedt een aantal mooie panorama’s op het meer en omgeving. In het verleden dienden deze plaatsen vooral als uitkijkposten, om de bewegingen van mogelijke vijanden te observeren.
De hellende straatjes vormen een wirwar van doorgangen en portalen, trappen en half verdoken of verhoogde woonniveaus. Inscripties op hergebruikt bouwmateriaal bevestigen de Romeinse geschiedenis. Alles samen is het dorp toch behoorlijk klein, in ongeveer een uur heb je het grotendeels verkend.
Spookdorp

Tegenover Castel dit Tora ligt Antuni, een heuveldorpje dat sinds de bouw van de dam een schiereiland is. De bewoners trokken er geleidelijk weg en na een op de verkeerde plaats uitgevoerd bombardement in de Tweede Wereldoorlog liep het verder leeg. Vanaf de jaren negentig werd het weer opgeknapt, met als belangrijkste restauratieproject het vijftiende-eeuwse, met fresco’s versierde Palazzo del Drago.
Antuni is nu alleen te voet of per boot bereikbaar. Bezoeken kan alleen na reservatie en mét gids. Tijdens een boottocht over het meer kan je wel een glimp opvangen van de Eremo di San Salvatore, een grot in de steile rotswand, die ooit als kluizenaarswoning fungeerde.
Verrassende kunst

Castel di Tora zelf heeft ook een hedendaags kantje, dat naadloos aansluit bij de elementen uit het verleden. Zo is in een van de natuurstenen bouwelementen het silhouet van een auto te zien, maar dat is een uitzondering. Verspreid over het hele dorp zie je gevelversieringen, gemaakt met stukjes schelpen van zwanenmosselen. De afbeeldingen zijn die van lokale dieren en planten.
Die schelpdieren komen veel voor in zoet water, waar ze zich voeden met klein, zwevend organisch materiaal. Doordat ze op die manier het water filteren spelen ze een belangrijke rol in het ecologische systeem. In 2017 daalde het waterpeil in het meer fors, het gevolg van een ernstige droogte. Veel mosselen stierven en hun schelpen spoelden massaal aan op de oevers.
Kunstenares Elisabetta Catamo (°1978) zag er wel wat in. Ze verzamelde de grote schelpen, die langs de buitenkant vrij ordinair ogen, maar langs de binnenkant zilverachtig glanzen. Verdere ontwikkelde ze een systeem, waarbij ze de verbrijzelde schelpen op houten frames tot herkenbare figuren herschikte. Die frames zijn daarna aan de dorpsgevels bevestigd.
Meer info:
Koen Mortelmans
















