woensdag 11 februari 2026
spot_img
HomeSERIESDiefstal van de Rechtvaardige Rechters18 April 1934 - "Wat als Ik met een ingepakt paneel door...

18 April 1934 – “Wat als Ik met een ingepakt paneel door Brussel loop …”

Rémy RADESKA, journalist bij de Brusselse, franstalige krant “L’Indépendance Belge” peilt naar de alertheid van eenieder. Hij stelt zich de vraag “Wat zou er gebeuren als ik met een ingepakt paneel, identiek als dit van de Rechtvaardige Rechters door Brussel loop … “ Hij neemt de proef op de som en schrijft op 18 april …

HET GEVAL VAN HET LAM GODS

Ik heb het paneel ‘De Rechtvaardige Rechters’ gestolen…

Achtenveertig uur lang heb ik geprobeerd de indruk hiervan te wekken, zonder dat iemand in Groot-Brussel ook maar de minste aandacht besteedde aan het pakket dat ik aan het rondzeulen ben.

Mijn pakket is te zwaar. Ik maak gebruik van een commissionair.

Als hij dat nog niet heeft gedaan, op dit moment, met zijn kostbare buit de grens overgestoken, hoe moet het leven zijn voor de dief van ‘De Rechtvaardige Rechters’, van alle kanten bekeken en gevolgd?

Is het nog steeds mogelijk voor hem om zich te verplaatsen, om te proberen degenen op te sporen die hem volgden ? Zal hij niet bij de eerste stap op straat worden gearresteerd?

Ik wilde het weten…

Met een pakketje bij me dat qua grootte, vorm en gewicht precies overeenkwam met het beroemde paneel, vertrok ik naar Brussel.

Werd ik opgemerkt, gevolgd, bezorgd? Ik ga het je vertellen!

Maandag, rond 11 uur, stopte een privélimousine voor het station Luxemburg. Ik ga je niet vertellen waar deze vandaan komt. Wij van onze kant geven onze medeplichtigen niet weg voor een stuk brood, en zelfs niet voor veel geld.

De vorm en vooral het gewicht van mijn pakketje – zestig kilo, één meter en zestig hoog – vormen het grootste gevaar. Ah! Het liefst werk ik in kokosnoot of hangers. Wat een gouden koopwaar! Terwijl het beroemde paneel…

Ik probeer opnieuw alleen te opereren. Je ziet dat ik geen idioot ben. Een stoer kind onder elegant fluweel! Niet te doen !

Mijn pakket is te zwaar. Ik leg mij toch neer bij het inschakelen van een commissionair. We plaatsen het omvangrijke pakket in de hal, tegen het eerste raam aan de linkerkant. Ik besef te laat mijn onvoorzichtigheid. Het paneel is van buitenaf bijna net zo zichtbaar als van binnenuit en een agent, een jonge agent, loopt over het plein heen en weer.

Ik loop snel weg, loop heen en weer. Tien over elf, de man op wie ik wacht en die de Rechtvaardige Rechters naar Nederland moet brengen, komt niet en de Amsterdamse express vertrekt om 11.24 uur. Om de tijd te doden koop ik Vlaamse en Nederlandse kranten. Ik lees dat we een spoor volgen in Brussel! Zou mijn vriend bang zijn geworden? Commissarissen, medewerkers en honderd reizigers passeren mijn pakketje. Ik loop op eieren. De trein is inmiddels vertrokken; Wat te doen zonder instructies? Opbellen ? Dit is zeer roekeloos! Ik pak het gewelldig pakketje met beide handen vast en sleep het naar de bagage opslagplaats. Ik overhandig het aan de bediende van het bagagedepot.

Wat gaat er gebeuren? Niets. De medewerker geeft mij een formulier. Met autoriteit schreef hij, zonder mij iets te vragen, ‘een plank’

De bagagebewaarplaats? Hoe roekeloos! Een hotelkamer zou veel veiliger zijn. Maar waar ?

Ik besluit te kiezen voor een plek aan de rechterkant van het plein.

Ik neem een ​​kamer in het hotel; kamer nr 5. De baas ontdekt, dank zij mijn gebrekkig Frans, meteen in mij een Nederlander (ik ben geen Nederlander).

Ze legt mij uit met een Vlaamse “H” dat ze ernaar streefde haar hotelkamers fleurig te maken en of ik dat zag? Vele Goudsbloemen vallen me lastig. Ik bel de jongen en geef hem mijn ontvangstbewijs van het paneel terwijl ik tot hem verzoek om mijn pakket op te halen en dit te brengen naar mijn kamer, waarbij ik hem op het hart druk zeer attent te zijn.

Hij was nauwelijks naar het station vertrokken toen ik mijn nieuwe onvoorzichtigheid besefte.

Ik raakte letterlijk in paniek en verdween snel zonder op zijn terugkeer te wachten.

Ik spring in een taxi: “Gare du Midi”! Terwijl ik langs de belangrijkste boulevards rij, besef ik plotseling hoe afgeleid ik ben.

Welk idee had ik om een ​​taxi voor het hotel aan te houden, terwijl het gemakkelijk was om er één verder weg te nemen!

Ik ga lunchen, als je de lunch een maaltijd kunt noemen als je die in angst doorslikt. Mijn zenuwachtigheid zorgt er ook voor dat ik een nieuwe blunder bega. Ik zat op het terras! Als de politie, gealarmeerd in station Luxemburg, achter mij aan zit en mij bij de eerste bocht arresteert… zal ik het niet gestolen hebben.

De afwezigheid van mijn vriend maakt mijn nood compleet. Ik moet weten wat ik kan verwachten. Ik ga naar het telegraafkantoor op het station en stuur het volgende telegram naar Amsterdam: “Tevergeefs Joopie Luxembourg opgewacht ook Rubie niet gezien zal morgen dezelfde trein verwachten”.

In het kleine telegraafkantoor van de Midi beleefde ik angstige minuten. “Heb je niet kleiner… niet kleiner? zei de werknemer tegen mij, terwijl hij mijn honderd frank bekeek. ‘Ik heb geen kleingeld. Ik ga wisselen.’ En hij verdwijnt. Het duurt lang! Het lijkt mij dat ik vanuit de diepte wordt geobserveerd. Eindelijk, de werknemer is er terug met mijn wisselgeld.

Als ik op straat ben, zeg ik met angst tegen mezelf dat ik zojuist de blunder der blunders heb gemaakt. Ik ondertekende het telegram en gaf het adres op van het hotel waar het paneel staat. Plankenkoorts, zeker…

Ik heb nog maar één probleem! Neem het paneel snel terug en verberg het ergens anders! Twintig minuten later arriveerde ik op Place du Luxembourg. Ik loop een rondje over het plein om mezelf moed te geven. Ik voel maar al te goed dat mijn probleem zichtbaar is. Zoals gebruikelijk in zulke gevallen, probeer ik mezelf weer op de been te krijgen. Resoluut keer ik terug naar mijn hotel en presenteer ik mij met een vastberaden blik aan de kassa.

Ober, wilt u mij om een ​​taxi vragen en mijn pakketje naar mijn kamer brengen?

Ik blijf hier de nacht doorbrengen, maar ik moet mijn pakketje ergens onderbrengen. Dat is het! Wat gaat er gebeuren? Nog niets !

Vijf minuten later zit ik in een open taxi (De taxichauffeur moest hem openen om het gigantische pakket te laden) en ik zeg “Place Rouppe!” (Helaas te luid, want de loopjongen, als hij niet doof is, moet het gehoord hebben). Ik hoop dat deze onvoorzichtigheid mij niet fataal is.

Het is duidelijk dat ik niet zo goed ben in het uitwissen van mijn sporen en als ik het hotel aan de Avenue du Midi verlaat, twijfel ik er geen seconde aan dat de twee agenten die het gebouw naderen mij zonder enig beletsel zullen aanspreken. Nu weet ik hoe het is om het angstzweet te voelen…

De agenten komen voorbij, maar er stopt een taxi voor het hotel. Twee mannen stappen uit. Dat is het! Gerechtelijke politie, waarschijnlijk. Laten we die uit de weg gaan! Laten we de straat op gaan! Een bordje: “Café Wallon”, daar gaan ze beslist niet op zoek naar een buitenlander.

Wat is het warm, nietwaar?
Inderdaad.
En zo vroeg in het seizoen…
Ja dat weet ik ! … en dat vóór de ijsheiligen!

We zijn uitgepraat, ik betaal onmiddellijk en ik verdwijn. Deze gesprekken aan de toog missen absoluut het onverwachte.

De avond begint te vallen. Mijn zorgen nemen toe. Het paneel is niet veilig in een hotel, dat voel ik zeker. Er gaat niets boven mijn voorgevoel.

Tien minuten waren genoeg om het afschuwelijke pakketje, nog steeds per open taxi, naar de het Bagagedepot van “Gare du Midi” te laten vervoeren. De medewerker daar aarzelde even over het gewicht maar gaf mij gezwind een ontvangstbewijs voor “één pakket”.

Morgen betalen, zei hij, toen hij mijn gebaar zag.

Opluchting! Het leven is mooi! Maar nauwelijks heb ik het begin van de Boulevard Emile Jacquemain bereikt of ik besef welke onuitsprekelijke blunder ik zojuist heb begaan. Stommerik! Het Gare du Midi, waar u uw telegram hebt verzonden en uw naam en adres hebt opgegeven!! Ik ben er letterlijk kapot van… Le horla, quoi!

Ik spring in een taxi en ga mijn paneel ophalen. De medewerker leek een beetje verbaasd mij na een half uur weer te zien. De loketbeambte helpt me met inladen, en dus steken we over, mijn paneel en ik.

Dan nu naar het drukste deel van de stad, richting het station van Schaarbeek, waar ik nogmaals mijn metgezel, het paneel, aflever bij het depot. Ook dit keer werd hij zonder aarzelen ingeschreven onder de naam ‘een bundel’, de term waaronder hij de nacht zou doorbrengen.

(Wordt vervolgd.)

Rémy RADESKA.

- ONZE EXCLUSIEVE REEKS -spot_img

Abonneer je op ons Gratis Magazine en ontvang iedere woensdag de beste info, tips en leuke acties in jouw mailbox

Leestips

De vrolijke invasie van de intergalactische generatie

Laten we meteen alle schaamte achterwege laten. Je hebt het recht op de waarheid want ja, alles wijst erop dat boomagers niet gewoon “mensen...
spot_img
Rechtvaardige-Rechters retabel

11 april 1934 – De Rechtvaardige Rechters, het mysterie ontrafeld

In 1934 pleegde men een van de grootste kunstdiefstallen in de Belgische geschiedenis: de diefstal van "De Rechtvaardige Rechters", een paneel van het wereldberoemde...
error: Inhoud is beschermd !!